Zoon Aideed 'president' van Somalië

MOGADISHU, 5 AUG. Aanhangers van de donderdag als gevolg van schotwonden overleden Somalische krijgsheer Aideed hebben diens zoon, de 31-jarige Hussein Aideed, tot zijn opvolger benoemd. Hussein Aideed, die lange tijd in de Verenigde Staten woonde, maakte deel uit van de Amerikaanse interventiemacht voor Somalië in 1992 maar besloot deze te verlaten toen de verhouding tussen zijn vader en de Amerikanen verslechterde.

Hussein Aideed werd gisteren in Zuid-Mogadishu beëdigd bij het paleis van de voormalige Somalische president Siad Barre. In zijn korte toespraak maakte de nieuwe leider geen enkele toespeling op zijn verleden in de Verenigde Staten. Bij de beëdiging was de voltallige raad van ouderen van de factie aanwezig. Het radiostation van Aideeds clan meldde gisteren echter dat Hussein “gezien de politieke omstandigheden” tot “interim-president” was benoemd.

Het is onduidelijk hoe sterk de machtsbasis van de 31-jarige Aideed is. Volgens waarnemers kan de zoon van de overleden krijgsheer vooralsnog profiteren van het gezag dat zijn vader genoot. Daar staat tegenover dat Hussein pas 31 jaar oud is en in de Somalische maatschappij leeftijd en ervaring als noodzakelijke voorwaarden voor het verkrijgen van autoriteit worden gezien. Vandaag zou de nieuwe 'president' zijn eerste grote toespraak houden.

De minister van Binnenlandse Zaken van de 'regering' van Aideed, Mohamed Kanyare Afrah, heeft zaterdag een aanbod van de krijgsheer Ali Mahdi Mohamed voor vredesbesprekingen afgewezen. Ali Mahdi zei vrijdag dat alle facties in Somalië om de tafel moeten gaan zitten en via een conferentie onder auspiciën van de internationale gemeenschap tot een duurzame vrede in Somalië moeten komen. Hulpverleners in Mogadishu zeiden vrijdag dat de dood van Aideed nieuwe kansen bood voor het vredesproces in Somalië.

In een reactie op de opmerkingen van Ali Mahdi zei Kanyare Afrah dat zijn 'regering' de politiek van Aideed voort zal zetten. “Wij zullen staan voor de zaak zoals hij (Aideed red.) dat deed. Als iemand met ons wil praten als met een regering praten wij met hen als factieleiders of als individuen. We zullen nooit accepteren dat iemand ons factieleiders noemt... dat is een belediging.” Met zijn opmerkingen doelde de 'minister' op een van de conflictpunten tussen de groep van Aideed en de andere factieleiders, namelijk het presidentschap. Aideed beschouwde zijn 'ministers' als de legitieme regering van Somalië en liet zich vorig jaar tot president uitroepen. De andere krijgsheren hebben die aanspraak nooit willen honoreren en willen op voet van gelijkheid met de groep van Aideed spreken. De 'regering' van de groep van Aideed wordt overigens alleen erkend door Libië en Soedan. (Reuter, AP)