Goud voor Cassius Clay

Na zijn ontroerende optreden bij de openingsceremonie van de Olympische Spelen, waar hij met trillende arm het olympisch vuur ontstak, stond Mohammed Ali zaterdagavond opnieuw in de schijnwerpers. De voormalig bokskampioen, die tegenwoordig lijdt aan de ziekte van Parkinson, ontving in de rust van de basketbalfinale tussen het Amerikaanse Dream Team en Joegoslavië (95-69) van IOC-voorzitter Juan Antonio Samaranch een gouden medaille.

Toegejuicht door ruim dertigduizend toeschouwers, onder wie zijn vrouw Lonnie, zijn zoon Assad en de spelers van beide basketbalteams, kuste Ali de IOC-president op beide wangen en zoende vervolgens de gouden plak. Het was een replica van de medaille die Ali, nog onder de naam Cassius Marcellus Clay, tijdens de Spelen in Rome in 1960 in de klasse van het licht-zwaargewicht had gewonnen.

Het verhaal gaat dat Clay op zijn terugreis vanuit Rome naar Louisville in Kentucky met een vriend wegens hun huidskleur de toegang werd geweigerd in een restaurant. Vervolgens werden zij achtervolgd door een groep blanken. Uit protest tegen deze discriminatie en tegen de rassenhaat in het algemeen wierp Ali zijn gewonnen gouden medaille in de Ohio-rivier. Zo luidt het relaas in Ali's autobiografie The Greatest.

Het verhaal mag wat ongeloofwaardig klinken - Ali heeft ook verteld dat hij de medaille gewoon is kwijtgeraakt - feit is dat Cassius Clay destijds voor veel zwarte Amerikanen model stond voor de strijd tegen het racisme. Behalve zijn sportieve successen oogstten ook zijn principiële weigering in 1964 om in de Vietnamoorlog te dienen en zijn geloof in de Islam veel waardering. Wegens de dienstweigering moest Ali zijn zojuist gewonnen wereldtitel in het zwaargewicht inleveren. Door die maatregel werd hij bijzonder populaird onder de zwarte bevolking van de Verenigde Staten. De huldiging van zaterdag betekende voor Donnie Ali het “herstel van een verloren droom”. En daarmee doelde zij niet alleen op de kwijtgeraakte medaille van haar echtgenoot, maar ook op diens gedachtegoed.

Ook de Amerikaanse basketballers waren diep geroerd door het optreden van Mohammed Ali. “Het was absoluut een speciaal moment”, zei Reggie Miller. “Ali was, zeker voor de Afro-Amerikanen onder ons, een voorbeeld voor het team. Om hem daar midden op het veld te zien en hem te mogen aanraken was voor mij heel bijzonder.” Bondscoach Wilkins noemde Ali de meest principiële man die hij ooit had ontmoet. “Hij verdient alle lof die hij nu krijgt.”