Canada wint en Lewis kijkt toe

ATLANTA, 5 AUG. Of het met Carl Lewis wel was gelukt, zal altijd de vraag blijven. In ieder geval verloor de Amerikaanse sprintploeg zonder de 35-jarige superster in Atlanta de 4x100 meter van Canada. Het was een nederlaag die door de buitenlanders met het nodige leedvermaak werd begroet na het opgeklopte gekrakeel rond de samenstelling van de thuisploeg.

Zou Lewis nu wel mogen lopen? Of zou hij niet? Dagenlang was het in Atlanta het onderwerp van gesprek. Pas vlak voor de estafette-finale werd duidelijk dat King Carl geen poging mocht doen om zijn tiende gouden olympische medaille te halen. Lewis zat oorspronkelijk niet in het team en de verantwoordelijke coach Erv Hunt weigerde dat te veranderen. Waarom zou hij ook? Lewis had zijn kans verspeeld door tijdens de Amerikaanse selectiewedstrijden op de 100 meter als achtste te eindigen.

Maar na zijn zege bij het verspringen waren veel Amerikanen van mening dat Lewis de kans geboden moest worden een fantastisch record te vestigen. Iedereen bemoeide zich ermee. Zelfs Michael Johnson brak een lans voor Lewis door te stellen dat diens ervaring de sprintploeg goed van pas zou komen. Lewis zelf vertelde er helemaal klaar voor te zijn.

Trainer Hunt bezweek niet onder de druk. Ook niet toen Burrell, een van de vier basiskrachten, met een nogal onduidelijke blessure afhaakte. De weg voor Lewis leek door zijn clubgenoot uit Santa Monica te zijn vrijgemaakt. Hunt wees echter niet Lewis, maar Tim Harden als vervanger aan. De 22-jarige student uit Kentucky, met een persoonlijk record van 10,02, was vijfde geworden bij de selectiewedstrijden. Harden vormde zaterdag met Drummond, Marsh en Mitchell het Amerikaanse viertal.

Daarom zagen de 80.000 toeschouwers Carl Lewis op de laatste atletiekavond niet meer in actie. Donovan Bailey, de sterke slotloper van het winnende Canada, wist wel waarom de veteraan niet had meegelopen. “Carl is een goede zakenman”, zei tweevoudig olympisch kampioen Bailey na de race met een gemene grijns op het gezicht. “Hij wil graag de gouden jongen blijven en hij wist dat er vanavond geen goud te verdienen viel.”

De Canadese sprinters hadden energie geput uit het gekrakeel rond de deelname van Lewis. Woordvoerder Bailey: “De Amerikanen gingen er gemakshalve al vanuit dat zij goud zouden winnen. Ze hadden het alleen maar over de tiende titel voor Carl. Wij zijn de wereldkampioenen, maar geen moment werd de mogelijkheid geopperd dat een stel jongens uit het noorden ook weleens zou kunnen winnen. Dat is een gebrek aan respect.”

De Amerikanen beschouwen de sprint als hun nummer. Daarom leden ze in Atlanta een paar gevoelige nederlagen. Geen Amerikaan eindigde op de individuele 100 meter bij de eerste drie en nu werd ook nog de estafette verloren. Een tijdperk lijkt beëindigd. “Laat iedereen dat maar geloven”, zei de stoere Dennis Mitchell, de aanvoerder van de Amerikaanse sprinters. “Dan is de weg vrij voor een grote show. Wij voelen ons nog steeds de sterksten op de 100 meter. En dat zal altijd zo blijven.”

Mitchell legde na afloop bij de persconferentie een verklaring af namens de hele sprintploeg. Hij zei dat hij en zijn collega's niet meer over dat Carl Lewis Thing wilden praten. “We hebben hier gelopen met het beste team dat we hebben.” Mitchell zei respect te hebben voor coach Hunt die niet was gezwicht. “Carl Lewis was voor ons geen factor.” Mitchell vertelde niet dat hij de dagen voor de wedstrijd Lewis twee keer telefonisch had gesproken en hem had toegezegd dat hij graag zijn plek als laatste loper wilde afstaan. Zelf zou hij dan naar de derde plek opschuiven. We need to win, Carl.

Lewis was in het stadion toen de wedstrijd werd gelopen. Hij had 's middags om vijf uur, zo'n tweeëneenhalf uur voor de start, op de inloopbaan te horen gekregen dat hij definitief niet mocht meedoen. Lewis' manager Joe Douglas was woedend. Hij vond dat zijn pupil aan het lijntje was gehouden. “Het is net of je iemand voor zijn verjaardag een taart komt brengen en hem dan in zijn gezicht smijt.” Lewis zelf bleef zich netjes gedragen. Hij wenste alle leden van het team succes met de race. Later zei hij een meer professionele behandeling te hebben verdiend.

De Canadezen hadden het geen enkel probleem gevonden als Lewis had meegedaan. “We waren er klaar voor om tegen iedereen te lopen, desnoods tegen mannetjes van de maan”, zei Bailey. Canada liep een fantastische finale en het verschil met de Amerikanen was heel duidelijk: 37,69 om 38,05. Bij de thuisploeg verliepen een paar wissels niet echt vloeiend en verloor met name nieuweling Tim Harden, de tweede loper, het nodige terrein. Hij stoeide tijdens het lopen met het stokje in zijn hand. “Ik was best wel nerveus, maar dat heeft geen invloed gehad”, verkondigde Harden. Het verschil in tijd tussen hem en de tweede man van Canada sprak boekdelen. Harden deed 9,36 over zijn deel, Gilbert 9,02.

Donovan Bailey bood de drie andere Canadezen na afloop zijn excuses aan. “Als ik niet al zo snel mijn armen in de lucht had gestoken, dan hadden we misschien het wereldrecord kunnen breken. Dat zou dit succes op Amerikaanse bodem nog mooier hebben gemaakt.” Met een lach op het gezicht vergaven zijn ploeggenoten Bailey de fout.