Vogelpest slaat toe in opvangcentrum

ANJUM, 3 AUG. Het is stil in vogelopvangcentrum 'De Fûgelpits' in het Friese Anjum. Vreemd en leeg voelt vogelverzorgster G. Wiersma zich. Gisteren zijn 200 van haar dieren afgemaakt. Jan van Genten, aalscholvers, eidereenden, kieviten, grutto's, jonge merels, uilen, roofvogels, zwarte roodstaartjes - allemaal kregen ze een spuitje.

In het vogelasiel is pseudo-vogelpest uitgebroken een zeer besmettelijke virusziekte, die onder pluimvee voorkomt en waar geen kruid tegen gewassen is. Het is voor het eerst dat deze ziekte in een Nederlands vogelopvangcentrum voorkomt. Drie weken geleden stierven er in één weekeinde 20 vogels. Een aantal dieren vloog ongecontroleerd rond en raakte verkrampt. Het laboratorium van het Centraal Diergeneeskundig Instituut in Lelystad constateerde vogelpest.

Wiersma nam het opvangcentrum in 1980 over van haar ouders. Zeven dagen per week staat ze met haar man klaar voor olieslachtoffers, verzwakte, zieke of gewonde exemplaren. De klap is hard aangekomen. “Je voelt je zo machteloos”, zegt ze. De kadavers werden in een verzegelde vrachtwagen afgevoerd naar het destructiebedrijf. De hokken en kooien op het erf zijn ontsmet en gereinigd.

Bij familie in de buurt is een noodopvang geregeld, waar inmiddels vijf eenden en gierzwaluwen tijdelijk onderdak kregen. Over zes weken hoopt Wiersma opnieuw te kunnen beginnen met de opvang in De Fûgelpits. “Een leven zonder vogels kan ik me niet voorstellen.”