Nieuw soort held in Antiek beeldverhaal

Odysseus, de eerste moderne man, was al in de Oudheid het onderwerp van ontelbare afbeeldingen en beeldengroepen. Bezoek aan een spectaculaire tentoonstelling te Rome.

Palazzo delle Esposizioni, via Nazionale 194. T/m 2 sept. Wo t/m ma 10-21u.

ROME, 3 AUG. Het eerste woord van de Odyssee zegt alles al: dit wordt een verhaal over De Man. Niet over een klassieke held als Ajax of Achilles, strijders, vorsten die zich onderscheidden door kracht en macht, door schoonheid en grootmoedigheid. Het gaat over de eerste moderne man. Iemand die niet buigt voor de goden en geen speelbal wil zijn van het lot. Een nieuw soort held, die niet alleen wint met kracht maar zeker zo vaak met intelligentie. Een avonturier die na de langdurige oorlog tegen Troje zijn thuisreis uitstelt omdat hij nieuwsgierig is naar de wereld om hem heen.

De zwerftocht van Odysseus en zijn makkers door het Middellandse-Zeegebied is daarom meer dan een avonturengedicht. Het is een ook een zoektocht naar het wezen van de mens. “Ik leerde de natuur van de mens kennen,” staat in een van de beginverzen. Voor latere Griekse filosofen was nieuwsgierigheid de belangrijkste eigenschap van Odysseus, een karaktertrek die van hem een andere, nieuwere held maakte - overigens was diezelfde nieuwsgierigheid zo'n vijftien eeuwen later voor Dante aanleiding om Odysseus in de achtste ring van de hel te plaatsen, de plaats voor de slechte raadgevers, voor degenen die hun medemensen hebben meegesleurd in onverantwoorde avonturen.

Deze benadering van Odysseus als de verpersoonlijking van een nieuw mensbeeld is de leidraad van een prachtige tentoonstelling in Rome. Onder supervisie van Bernard Andreae, directeur van het Duits archeologisch instituut in de Italiaanse hoofdstad en een van de grootste Odysseus-deskundigen, is met antieke vazen, beeldhouwwerken en muurschilderingen een beeldverhaal gemaakt van de heldendaden van Odysseus.

Het letterlijke middelpunt van de expositie is de reconstructie van de spectaculaire beeldengroep uit Sperlonga, een badplaats tussen Rome en Napels. Vlak daarbij zou Odysseus zijn ontmoeting hebben gehad met de tovenares Circe. De Romeinse keizer Tiberius had in een grot bij zijn villa in Sperlonga vier beelden laten plaatsen die de familiemythologie moesten onderstrepen dat Tiberius een nazaat was van Telegonos, zoon van Odysseus en Circe. Eeuwenlang zijn de beelden verloren gewaand. Toen in het begin van de vijfde eeuw een groep monniken in de verlaten villa trok, hebben zij de beelden aan stukken geslagen. Het waren heidense afbeeldingen. De grot slibde langzaam dicht en in de kronieken was er steeds minder over te vinden. Pas in de jaren vijftig van deze eeuw zijn villa en grot opnieuw blootgelegd.

Sommige stukken zijn nooit meer teruggevonden, maar op basis van de opgegraven fragmenten, beschrijvingen en vergelijking met soortgelijke beelden is een goede reconstructie te maken. In de centrale hal van het Palazzo delle Esposizioni in Rome staat nu een kolossale beeldengroep over de strijd van Odysseus tegen Polyfemus, de eenogige cycloop. De enorme gestalte van Polyfemus ligt achterover tegen een rotsblok, beneveld door de wijn die Odysseus hem heeft gegeven. Drie mannen tillen een boomstam op om zijn oog uit te steken.

Dit is het moment dat het vaakst is uitgekozen door de kunstenaars uit de oudheid. Het is interessant om te zien hoe in de loop der eeuwen de enscenering verandert. Het verschil tussen de cycloop en Odysseus wordt steeds groter, om te onderstrepen dat de strijd niet is gewonnen met kracht, maar met een list. Odysseus kon Polyfemus niet doden omdat hij zelf niet sterk genoeg was om het rotsblok weg te halen voor de grot waarin zij waren opgesloten. Hij had daar de kracht van Polyfemus voor nodig. Op een aantal vazen is de afloop van het verhaal te zien: Odysseus die zich vastklemt aan de onderkant van een schaap, zodat de nu blinde Polyfemus, die de ruggen van de schapen betast, niet in de gaten heeft dat hij de grot uitgaat. Andere vazenmakers illustreren het moment dat Polyfemus zijn woede en pijn uitschreeuwt tegenover andere cyclopen. Ook hier redt de intelligentie van Odysseus hem. Hij had zich voorgesteld als Niemand. Vandaar het onbegrip toen Polyfemus riep, op zijn oog wijzend: Niemand heeft dit gedaan.

De nadruk in de tentoonstellign ligt op de episodes uit de Odyssee die zich hebben afgespeeld langs de Italiaanse kust, al is er ook een fraaie sectie over de thuiskomst van Odysseus. Circe heeft volgens de overlevering tussen Rome en Napels gewoond, op de Monte Circeo. Iets verder zuidelijk langs de kust huisden de Sirenen, de vogel-vrouwen. De cyclopen woonden op de Eolische eilanden ten noorden van Sicilië. En een van Odysseus' vreselijkste avonturen was de tocht tussen Scylla en Charybdis door, de twee monsters die de Straat van Messina onveilig maakten.

Over deze laatste episode zijn twee spectaculair gereconstrueerde beelden te zien, waarvan er één afkomstig is uit Sperlonga. Charybdis was een monster dat drie keer per dag schepen en hun bemanning verzwolg in enorme draaikolken. Odysseus kon niet te dicht daarlangs varen en moest kiezen voor de andere kust, waar Scylla huisde, een vreselijk monster met zes tentakels die eindigen in woeste hondenkoppen.

In de iconografie bestaan twee versies van Scylla. Eén steunt de gedachte dat het een geboren monster was. De andere refereert aan de legende dat Scylla een bekoorlijke jong meisje dat een rivaal in de liefde was geworden van Circe. Uit wraak maakte Circe het water waarin haar rivale altijd baadde, giftig. Zo kreeg Scylla boven met een onderlijf met zes tentakels het sierlijke bovenlichaam van een vrouw - misschien was dat de reden dat van de beelden in de grot van Sperlonga het beeld van Scylla het grondigste is vernield door de monniken. Er zijn zevenduizend fragmenten teruggevonden.

Op de tentoonstelling in Rome overheerst de tweede versie. De gereconstrueerde beeldengroep uit Sperlonga toont een wat verbitterd kijkende vrouw die zwaait met het roer dat zij van Odysseus' schip had afgebroken. Haar onderlichaam bestaat uit hondekoppen die zes opvarenden verscheuren. Links ervan, gestileerd, Odysseus op zijn schip, treurend over zijn verloren makkers, maar wetend dat dit de enig mogelijke keuze was. Tegenover Charybdis stond zelfs hij machteloos.