Leuk chicaneren

'Leuker kunnen we het niet maken, wel gemakkelijker'. Als uitvloeisel van die leuze van de Belastingdienst heeft ieder bedrijf tegenwoordig één aanspreekpunt voor al zijn belastingzaken. Dat is handig, want dan hoeft een ondernemer niet eerst bij de inspecteur van de vennootschapsbelasting te zijn om daarna voor misschien wel hetzelfde bij de inspecteur van de omzetbelasting (btw) langs te moeten.

Een Zeeuwse handelaar in sloopauto's was typisch iemand die van de één-loket-gedachte zou kunnen profiteren. Soms verkocht hij sloopauto's aan buitenlandse collega's en dat is voor de btw knap ingewikkeld. Bij het nalopen van zijn boekhouding had een controle-ambtenaar hem eens haarfijn alle details uitgelegd. Maar toen een tijd later een buitenlander in zijn zaak stond en een sloopauto voor export wilde opladen, was de autohandelaar de finesses van de formaliteiten vergeten. Hij belde het belastingkantoor waar men hem vriendelijk verbond met de inspecteur die aan het hoofd staat van 'het autoteam': een groepje speciaal in de autobranche gespecialiseerde belastingambtenaren. De inspecteur was zeer dienstwillig en gaf uitvoerig uitleg. De autohandelaar volgde de aanwijzingen stipt op. Dat kreeg hij op zijn brood toen er weer een controle-ambtenaar op bezoek kwam. Hij had het allemaal net verkeerd gedaan en dat ging hem geld kosten. Dat de fout op informatie van een inspecteur berustte, wilde de controle-ambtenaar niet geloven. Als de sloper al niet regelrecht stond te liegen, dan zou hij het wel verkeerd begrepen hebben. Dat pikte de ondernemer begrijpelijkerwijs niet. Ter plekke belde hij het belastingkantoor en kreeg het hoofd van het autoteam aan de lijn. Opnieuw legde hij zijn vraag voor en hij kreeg tot stomme verbazing van de meeluisterende controle-ambtenaren hetzelfde antwoord. Daarop namen de controleurs het gesprek over en ontstond er nog een hele discussie tussen de belastingambtenaren aan beide kanten van de lijn. De uitkomst daarvan was dat de controle-ambtenaar het bij het rechte eind had; het hoofd van het autoteam was zelf in alle formaliteiten het spoor bijster geraakt.

Triomfantelijk legde de controle-ambtenaar de hoorn neer. Er was geen twijfel meer mogelijk, er moest ruim 12.000 gulden worden nabetaald. De autohandelaar weerstond de sterke neiging eigenhandig de controle-ambtenaar te slopen maar zijn gemoed raakte enkele maanden later echt oververhit. Een inspecteur van het autoteam legde de sloper naast de nabetaling ook nog eens een boete van 3.000 gulden op. Waarom? De ondernemer had niet naar het hoofd van het autoteam moeten luisteren. Die is op het gebied van de btw ook maar een leek en bovendien formeel niet eens bevoegd om daar informatie over te geven. Er moest nu snel 12.000 gulden belasting en 3.000 gulden boete op tafel komen. Vooral de geldstraf was voor de autosloper niet te verkroppen. Een boete omdat je als simpel ondernemer in een ingewikkelde zaak precies doet wat de inspecteur vertelt?

In de Haagse belastingrechter mr. J.T. Sanders vond de man een bondgenoot. De ondernemer was met een concrete vraag bij het hoofd van de autoteam terecht gekomen en die had informatie gegeven. Daar mag men op afgaan zonder eerst te verifiëren of zo'n ambtenaar op basis van interne regels bevoegd is een dergelijk antwoord te geven. Niet uit het veld geslagen, voerde de belastinginspecteur vervolgens voor de rechter aan dat de sloper jokte. Laat die handelaar maar eens bewijzen dat het hoofd van het autoteam daadwerkelijk de verkeerde informatie heeft gegeven! Dat bewijs kon de uit het veld geslagen belastingbetaler niet leveren; wie neemt zijn gesprekken met het belastingkantoor op de band op? De rechter schoot de wanhopige ondernemer hulp. Uit het feit dat de 'auto-inspecteur' in het tweede gesprek de foute informatie had gegeven, leidde de rechter af dat het eerste gesprek net zo was verlopen. Dat was de ondergang van deze chicaneuze noodgreep van de Belastingdienst om alsnog zijn gelijk te halen.

Maar de fiscus had nog een laatste verdedigingslinie. De controle-ambtenaar had bij zijn vorige controle goed uitgelegd hoe de vork in de steel zat. Als de autosloper zich daaraan had gehouden, was er niets misgegaan. De fout lag dus uiteindelijk toch bij de vergeetachtige sloper die daarom volgens de fiscus zijn 3.000 gulden boete dubbel en dwars verdiende. Ook dat argument veegde mr. Sanders van tafel. De laatst gegeven informatie telt. De rechter haalde een streep door zowel de boete als de nabetaling. Verongelijkt verliet de inspecteur de rechtszaal. Hij heeft de rechter nog gevraagd zijn vonnis uitvoerig op schrift te zetten, opdat hij zijn hoogste baas, staatssecretaris Vermeend (Financiën), kon vragen de zaak aan de Hoge Raad voor te leggen.

Maar wat ambtelijk gezien als een prijzenswaardige vasthoudendheid kan gelden, blijkt politiek op een andere manier gewogen te worden. Vermeend heeft geen goed woord over voor het optreden van zijn dienst in deze procedure.