Lekkere meisjes met wasknijpers

ATLANTA, 3 AUG. Nog altijd schijnen er mensen te zijn die denken dat kunstzwemmen of synchronized swimming niets anders is dan onderwater zwemmen met een wasknijper op je neus. Die mensen hebben ongelijk, want bij het kunstzwemmen komt heel wat kijken.

In de eerste plaats is die wasknijper geen gewone wasknijper, maar een stukje metaal bekleed met rubber. Sommige kunstzwemsters hebben in hun cleavage, daar waar het uiteengaan der borsten plaatsvindt, nog een extra neusklip bevestigd. In het heetst van de strijd kan zo'n neusklip altijd los raken en wat dan?

Een kunstzwemster moet heel wat kunnen. Zij moet een minuut lang haar adem kunnen inhouden en verder moet zij allerlei moeilijke oefeningen weten uit te voeren zonder de bodem van het bassin te raken, want dat kost twee strafpunten. Zij moet dat alles doen op de muziek, die via luidsprekers zowel boven als onder water ten gehore wordt gebracht, en alsof dat nog niet genoeg is, moet zij haar oefeningen ook nog eens gepaard laten gaan met een onverwoestbare glimlach.

Gisteren zag ik de finale van het kunstzwemmen voor landenploegen. Dat is zoiets als de acht bij het roeien. Het koningsnummer, of zo men wil het koninginnennummer, waarin acht teams van acht zwemsterstjes een Esther Williams-nummer trachten op te voeren. Er schijnen nog altijd mensen te zijn die denken dat het kunstzwemmen is uitgevonden om lekkere meisjes ook eens aan een medaille te helpen. Dat is niet waar, misschien zelfs laster, maar wel was Atlanta na afloop van de wedstrijd volkomen in de war. Overal werd uitbundig met vlaggen gezwaaid, men rende juichend over straat en het verkeer zat voor uren vast.

De meisjes komen als gelijktijdig bewegende robotjes op, maar zijn zij eenmaal in het water gegleden dan is hun ballet een lust voor het oog. Ik was vooral geïnteresseerd in de verrichtingen van het Franse achttal. Een paar maanden geleden veroorzaakten zij een rel, omdat zij een onderwaterballet hadden ingestudeerd met de holocaust als thema. Op de muziek van Schindler's list zouden de zwemsters uitbeelden hoe joodse vrouwen de gaskamer werden ingestuurd. Joodse organisaties protesteerden tegen de 'banalisation de la Shoah' en Le Monde constateerde enigszins verontrust een gebrek aan kennis bij de jeugd en veronderstelde dat wij op de Olympische Spelen van 2008 een zwemnummer over de slachtingen van de Rode Kmer kunnen verwachten. Het was tenslotte Guy Drut, de Franse minister van Sport, die de kunstzwemsters verordonneerde een ander nummer in te studeren.

Op een persconferentie in het Georgia Aquatic Centre verklaarde de Franse synchroonzwemster Celine Leveque dat men niet alleen nieuwe muziek had uitgezocht, maar ook een heel nieuw scala aan oefeningen. “Waar anderen een jaar op konden trainen, moesten wij nu in een paar maanden doen”, zei ze verongelijkt. Normaal gesproken zou een Frans team een kans hebben op een bronzen medaille, maar door het ingrijpen van de minister was daar geen kans op. De Franse meisjes eindigden als vijfde. Volgens het programma voerden zij op indiaanse krijgsmuziek, getiteld Oyata en Okoloko, een soort indianendans op. Dat natuurlijk allemaal zwemmend.

Ook ging de belangstelling uit naar Sylvie Frechette, een synchroonzwemster van het Canadese team. Vier jaar geleden op de Olympische Spelen van Barcelona fungeerde zij als het grote media-drama. Zij was toen de favoriet bij het individueel synchroonzwemmen, een nummer dat dit keer niet wordt gehouden, maar een dag voordat zij naar Barcelona zou vertrekken, pleegde haar vriend Sylvain Lake zelfmoord door zichzelf te vergassen in de garage.

Frechette besloot toch naar de Spelen te gaan, “omdat Lake dat zou hebben gewild”, en zij zou zeker hebben gewonnen als zij niet was getroffen door een tweede drama. Na de laatste kur maakte het Braziliaanse jurylid een vingerfout door inplaats van '9.7' slechts '8.7' in te drukken. Het jurylid wilde zijn fout herstellen, maar omdat de Japanse hoofdscheidsrechter het Portugees van de Braziliaanse niet begreep, werd de 8,7 bekrachtigd als het juiste cijfer. Daardoor eindigde Frechette op de tweede plaats, net achter haar grote rivaal, de Amerikaanse Kristen Babb-Sprague.

Een protest van de Canadezen om het Braziliaanse jurylid haar fout alsnog te laten herstellen, werd door de Amerikanen afgewezen. Frechette accepteerde haar zilver met dezelfde glimlach waarmee zij ook synchroon door het water zwemt, maar kort daarop besloot zij toch met haar sport te stoppen. Dat er in het leven ook nog wel eens meevallers zijn, bleek echter na haar terugkomst in Canada. Haar zieligheidsfactor had haar tot een grote ster gemaakt. Zij trad op in allerlei shows en kreeg tenslotte haar eigen televisieprogramma. Zij trouwde en toen het IOC ook nog eens bekend maakte dat Sylvie Frechette alsnog een gouden medaille zou krijgen, liep alles nog uit op een happy end.

In Atlanta is Babb-Sprague, die haar gouden medaille overigens mocht houden, niet aanwezig. Sylvie is er wel. Zij heeft nog geprobeerd via het wielrennen en de marathon opnieuw de top te bereiken, maar haar hart ging toch weer uit naar het kunstzwemmen. Met haar 26 jaar is zij een van de oudsten. De gemiddelde leeftijd van deze lieve, waterproof opgemaakte meisjes is twintig. Helaas is Frechette nu afhankelijk van haar teamgenoten. Niettemin heeft zij weer haar lach uit duizenden. Op de negende van Beethoven wordt het Canadese team tweede.

Maar dan komen de Amerikaansen. In het thuisland staan de juryleden altijd onder druk. In een land waar de Amerikanen alleen maar klappen voor de Amerikanen staan de juryleden nog meer onder druk. Gezegd moet worden dat de Amerikaanse meisjes het prachtig doen. De muziek is een combinatie van Benjamin Britten, Vivaldi en Yankee Doodle.

Doodstil wordt er gewacht op de jurycijfers. Dan breekt er een patriottisch orgasme los. Met een oorverdovend applaus worden de cijfers begroet: negen keer 10,0 en een keer 9,9. Goud! Die enige 9,9 is van het Zwitserse jurylid. Het zou mij niet verbazen als die morgen wordt gelyncht.