Israel; Blote arm kan tot een aframmeling leiden

JERUZALEM, 3 AUG. Niet alleen voor meisjes die deze warme zomer met ontblote buiken en korte rokjes in de straten van Jeruzalem hun schoonheid tonen, is de hoofdstad gevaarlijk terrein geworden. Ook vrouwelijke ambtenaren van het ministerie van Onderwijs die het wagen met blote armen naar hun werk te gaan, maakten deze week angstige momenten door. Dit ministerie grenst aan 'Mea Shearim', de wijk van de 'honderd poorten' waar Harediem, godvrezende joden, de scepter zwaaien.

Nooit hebben deze joden, wier naam 'bekommernis om het woord van God' betekent, in hun op een Oosteuropees getto lijkende buurt onzedig geklede vrouwen getolereerd. Gidsen waarschuwen vrouwelijke deelnemers aan toeristische wandelingen door 'Mea Shearim' voor de gevolgen van een te korte rok, een te laag uitgesneden blouse of te blote armen. In het gunstigste geval zou het bij scheldpartijen blijven, maar er zou ook kunnen worden gespuugd en zelfs zouden stenen door de lucht kunnen vliegen. Israeliërs weten dat. Seculiere Israelische vrouwen, die zoals vrijwel alle Israeliërs toch in het diepst van hun ziel een band hebben met de wortels van het jodendom, respecteren de strenge kleedregels in deze buurt.

Sedert de rechtstreekse verkiezing van Likud-leider Benjamin Netanyahu tot premier is er iets in het labiele evenwicht tussen Harediem en seculiere joden aan het schuiven geraakt. Het is een onweerlegbaar feit dat Netanyahu zijn verkiezingszege te danken heeft aan de Harediem. Zij zouden zelfs op vrij grote schaal fraude in de stemhokjes - de zaak is in onderzoek - hebben gepleegd om zich te ontdoen van die 'verschrikkelijke' premier Shimon Peres, die door zijn 'duivelsverbond' met de Burgerrechtenpartij zelfs onrein varkensvlees een legitieme plaats in de Israelische wetgeving had gegeven. En dat is maar een van de zonden waarvoor hij eenstemmig door de Harediem in de stembus is gestraft.

Nooit eerder hebben de Harediem zoveel politieke invloed in de zionistische staat veroverd als nu, anno 1996. Ze voelen zich sterker dan ooit om voor hun fundamentalistische interpretatie van het 'woord van God' de straat op te gaan. De honderd poorten van Mea Shearim zijn uitvalspoorten geworden voor een campagne die geen andere doel heeft dan Jeruzalem, de heilige stad, aan hun wil te onderwerpen. Vorige jaar zwierf een 'inktman', waarschijnlijk uit Mea Sheariem, door de straten van Jeruzalem. Meisjes en vrouwen die hem onzedelijk gekleed voorkwamen, werden na een korte scheldpartij met inkt bestookt. Vergeleken met de taferelen die zich nu in de stad afspelen is dat kinderspel. Op de muren in Mea Shearim zijn plakkaten aangebracht waarin tot strijd tegen onzedelijke kledij wordt opgeroepen.

Sigalit Amar, een vrouwelijke ambtenaar op het ministerie van Onderwijs, weet ervan mee te praten. Als een paar Palestijnse bouwvakkers met bespijkerde planken de aanvallende Harediem niet zouden hebben verjaagd was ze, naar eigen zeggen, zelfs in haar auto levend verbrand. Het beviel de Harediem niet dat deze vrouw met blote armen zo dicht bij hun buurt naar haar werk ging, op een ministerie waar de Nationaal Religieuze Partij de lakens uitdeelt. “Vijftig Harediem, met stokken en pijpen in hun handen, omringden mijn auto. Ongeveer een uur sloegen ze er mee op de auto en schreeuwden ze dat ze me zouden afmaken. Ze probeerden de auto in brand te steken en hem om te gooien. Ieder dag rijd ik door Arabische wijken, maar nooit heb ik me zo geterroriseerd gevoeld.”

Drie andere vrouwelijke ambtenaren van het ministerie van Onderwijs hebben deze week ook kennis gemaakt met de harde hand van de Harediem, die hen met eieren bekogelden en de banden van hun auto's lek prikten. Ook een vrouwelijke politieagent die als proefkonijn bij het ministerie werd gestationeerd, haalde door haar kledij de woede van de Harediem op haar hals.

Veel ernstiger zijn de nu met de regelmaat van de klok terugkomende botsingen tussen duizenden en soms tienduizenden Harediem en de politie, soms te paard en altijd gedekt door het waterkanon, tijdens de sabbat in de Bar-Ilan-straat in Jeruzalem. De Harediem eisen de totale afsluiting van deze belangrijke verbindingsweg van Jeruzalem op de heilige joodse rustdag. Seculier Israel houdt hier echter, met de steun van het Hooggerechtshof, vast aan zijn rechten. In de Bar-Ilan-straat wordt een cultuurstrijd uitgevochten tussen twee delen van het Israelische volk die elkaar niet of nauwelijks kennen. Het is een strijd tussen de meest letterlijke interpretatie van het woord van God en het uit de seculiere, westerse waarden puttende zionisme.

De botsing tussen Harediem en zionisten is zo oud als de opkomst van het moderne joodse nationalisme in Oost-Europa, waar beide partijen elkaar al verweten “geen joden te zijn”. Indien de verbazend snelle groei van de Harediem aanhoudt, zullen zij al in 2010 bijna veertig procent van de bevolking in Jeruzalem uitmaken. Dan hoeven ze geen inkt meer te gooien en vrouwen in auto's te bedreigen of massaal in de Bar-Ilan-straat te demonstreren. Dan is Jeruzalem 'hun' stad en wordt Tel Aviv de hoofdstad van het 'andere' Israel, waar seculiere Jeruzalemmers nu al asiel vinden voor de intolerantie van de enige “authentieke joden”, die geen blote armen en buiken mogen zien en het liefst in bussen stappen die alleen voor mannen rijden.