Springruiters zevende door schaarste aan toppaarden

CONYERS, 2 AUG. De Duitse ruiters zijn bijzonder succesvol op deze Spelen. Na de gouden medaille in de landenwedstrijd dressuur, werden de springruiters gisteren ook eerste in de door onweer en regen vertraagde landenwedstrijd. Hun strafpuntentotaal van 1,75 kwam slechts tot stand door tijdfouten, na verder foutloos gereden parcoursen.

Het zilver was voor de Verenigde Staten, Brazilië won brons. Het Nederlandse ruiterteam, goed voor goud in Barcelona, reikte niet verder dan de zevende plaats.

Duitsland begon slecht aan de landenwedstrijd. De eerste ruiter, Franke Sloothaak, scheurde bij een val van zijn paard een bloedvat in de rechterpols. Te voet verliet hij de ring. Met een gehechte pols reed hij de tweede manche. Met een foutloze ronde droeg hij bij aan de gouden teammedaille voor Duitsland.

Bondscoach Hans Horn van de Nederlandse ploeg toonde zich na afloop van de wedstrijd teleurgesteld over de klassering van zijn ruiters: “Zo snel kan het gaan in de springsport. We wisten dat Duitsland en Amerika over de beste paarden beschikken en over goud en zilver zouden beslissen. Maar voor het brons kwamen wel zes teams in aanmerking, waaronder wij.

Het is daarom teleurstellend dat we voor die positie niet mee konden doen.'' Horn wijst twee oorzaken aan voor het matige resultaat. De eerste is dat toppaarden schaars zijn. Van het gouden Barcelona-team is alleen Top Gun van Jan Tops nog gezond en in Nederlandse handen.

Die combinatie hield het strafpuntentotaal gisteren beperkt tot slechts één springfout, veruit het beste Nederlandse resultaat. Horn dicht Tops en Top Gun grote medaillekansen toe in de individuele finale die zondag wordt gehouden.

De tweede oorzaak was het grote aantal ruiterfouten dat gisteren werd gemaakt. Horn: “De paarden van Hendrix en Lansink hebben voldoende kwaliteit, maar zijn nog onervaren. Dat betekent dat de ruiter zich geen fouten kan permitteren. Helaas is dat niet gebeurd.”

Twee Nederlandse hengstenhouders konden hun vreugde niet op toen de Duitse ploeg met goud werd omhangen. Hun 10-jarige hengst Jus de Pomme, bereden door Ullrich Kirchhoff, had een belangrijk aandeel in het succes. Wiepke van de Lageweg uit het Friese Beers kon er niet over uit.

“Drie keer hebben mijn partner Adrie Jespers en ik al een kans gehad om een eigen hengst op de Spelen te krijgen. Eerst in 1984 met Nimmerdor. Destijds waren we zelf wat terughoudend, want er ging geen Nederlandse ploeg. En in een individuele afvaardiging zagen we geen heil. In Barcelona hadden we Ahorn. Tot op het laatste moment dachten we dat bondscoach Roelof Bril hem in zijn ploeg zou opnemen. Dat er nu een hengst van ons zonder springfouten op de Spelen loopt en nog goud wint ook, dat is uniek. Een droom die uitkomt.”

Van de Lageweg zag Jus de Pomme vier jaar geleden op een concours in Mechelen springen en had in vijf minuten zijn ruilhandel rond tegen een andere hengst. “Hij sprong met wel een meter lucht tussen de hindernissen”, zegt hij, nog genietend van de herinnering. “Bij een bijzonder paard staat het beeld meteen op mijn netvlies gegrift. Dan heb ik maar een paar minuten nodig om te beslissen. En ik heb nooit een minuut spijt gehad ook.”

Jus de Pomme kwam eerst bij Bert Romp onder het zadel. Maar toen Romp voor zijn sponsor ging rijden, vonden Van de Lageweg en Jespers dat hun hengst onvoldoende aandacht kreeg en zochten ze een andere ruiter. Met Kirchhoff hadden ze al eerder goede ervaringen opgedaan.

Zou het niet nog mooier geweest zijn als hun hengst had bijgedragen aan een Nederlandse teammedaille? “Misschien”, zegt Van de Lageweg nuchter. “Maar Nederland had met Bert Romp de eerste kans, maar de kwaliteiten van de hengst werden niet herkend. Nu blijven we bij Kirchhoff. Volgende week brengen we nog vijf paarden naar hem toe.”