Gracieus circus als een ijl visioen

Voorstelling: Le cirque invisible van Victoria Chaplin en Jean-Baptiste Thierrée. Gezien 1/8. Amsterdam, Stadsschouwburg. Aldaar t/m 11/8.

Ze kennen elkaar sinds 1969, Victoria Chaplin en Jean-Baptiste Thierrée. In dat jaar werden ze verliefd, in dat jaar verliet Victoria heimelijk haar ouderlijk huis. Haar vlucht verwarde vooral haar vader Charles. Hij dacht in haar zijn eigen komische talent te herkennen en had twee jaar besteed aan de film die hij met haar in de hoofdrol wilde maken: The Freak, over een meisje dat op een ochtend ontdekt dat ze vleugels heeft gekregen. Die film, het had Charles Chaplins laatste moeten worden, kwam nooit tot stand, maar Victoria leerde vliegen: als circus-artiste.

Samen met Thierrée toert Chaplin nu al zo'n vijftien jaar met een eigen circusvoorstelling door de wereld. Le cirque invisible is hun tweede programma (het eerste deden ze tien jaar lang) en biedt een voorstelling die eerder een ijl visioen is dan een circus.

Geen wilde dieren, geen paarden, maar een zingende eend en wat witte konijnen. Korte en lange, steeds gracieuze, acts wisselen elkaar af, waarbij die van Chaplin meer en meer aan macht en invloed winnen en die van Thierrée allengs sterker gaan fungeren als entre acte.

Thierrée is een mimende clown in de stijl van Marcel Marceau: teder en gerekt zijn zijn gebaren, steeds afgemaakt met beurtelings een droeve, een onnozele of een diabolische glimlach.

Zijn goocheltrucs gaan opzettelijk mis, zijn voorbijwervelende personages staan steeds hogelijk verbaasd. Ze dragen groteske kostuums met onverhoeds veelzijdige kwaliteiten: mimet hij de bekende aria uit Bizets Parelvissers dan openen op de knieën van zijn ingewikkelde pak kleine gezichten hun monden om de tweede en derde stem mee te zingen.

Wat Thierrée, varierend op eeuwenoude clowns-acts, doet is grappig en knap, maar virtuoos wordt het nooit. En dat moet eigenlijk wel, die magie hoort bij het circus, hoe klein het ook is. Iedereen die afgelopen zomer een plattelandscircus ergens in Europa bezocht, in een ronde, versleten tent met de piste direct op het gras, weet dat.

Chaplin is wel virtuoos, zij het niet met haar toeren op het koord of hoog en hard schommelend op het touw - dat kan elke leerling van de circusschool. Haar creativiteit is gelegen in een sublieme omgang met kostuums en props.

Een kudde caféstoelen wordt samen een groot paard dat ze fier berijdt, het ene gewaad een weekdier, het andere een vraatzichtige slang en een hes transformeert haar tot een apocalyptisch wezen met holle helle-ogen. En vliegen? Vliegen doet ze ook. Met wielen. Heel veel fietswielen.