Exportverbod Brits vlees wordt mogelijk verlengd

BRUSSEL / ROTTERDAM, 2 AUG. De hoop van de Britse premier, Major, dat nog dit najaar een einde kan worden gemaakt aan de 'rundvlees-crisis' is vervlogen nadat uit Brits onderzoek is gebleken dat kalveren van koeien die lijden aan 'gekke-koeienziekte' (BSE) een verhoogde kans hebben om met de ziekte besmet te raken.

Van de 273 kalveren geboren uit koeien die later BSE kregen, raakten 42 zelf ook met BSE besmet. Van de 273 kalveren uit BSE-vrije koeien raakten dertien besmet. Dat betekent dat een op de tien BSE-koeien de ziekte op haar kalf heeft overgebracht. Met de presentatie van dit bewijs door het Britse ministerie van Landbouw moet Groot-Brittannië zijn slachtprogramma voor de met BSE besmette koeien mogelijk herzien. De Britse veterinair deskundige Keith Meldrum heeft dit gisteren aan zijn collega's in Brussel gemeld.

Op de Europese top midden juni in Florence werd overeengekomen dat de Britten zo'n 120.000 runderen geboren voor 1989 en mogelijk met BSE besmet, zouden slachten. Maar toen werd er nog van uitgegaan dat BSE-besmetting optreedt via voeder waarin besmet slachtafval van dieren is verwerkt. Groot-Brittannië verbood het gebruik van dit voer in 1988.

Uit een gisteren door Londen aan de Europese Commissie aangeboden onderzoek blijkt dat van 273 kalveren geboren uit moeders met BSE, 42 besmet waren met de dodelijke ziekte. Van de 273 kalveren van BSE-vrije koeien waren slechts 13 besmet.