Ratten met dwarslaesie gebruiken na operatie hun achterpoten weer

Onderzoekers van het Karolinska Institute in Stokholm zijn er in geslaagd om een complete dwarslaesie bij volwassen ratten via operatie en een groeifactorbehandeling gedeeltelijk te herstellen (Science, 26 juli). De ratten steunden weer op hun achterpoten en enkele bewogen de enkel-, knie- en heupgewrichten.

De verbetering was overigens niet florissant: de ratten scoorden gemiddeld 2 op een vijfpuntsschaal ter beoordeling van de functie van hun achtergestel. Commentator Wise Young schrijft in Science dat effectieve regeneratie van ruggemerg bij menselijke dwarslaesiepatiënten nu een reëel doel en niet langer een utopie is, maar ook dat 'de heilige graal is gezien, maar lang niet in handen is'. Dwarslaesiepatiënten zijn dus voorlopig nog niet van hun rolstoel verlost.

Mensen met een dwarslaesie zijn verlamd, ongeveer vanaf de plaats in de ruggegraat waar de zenuwen in het ruggemerg gescheurd zijn. Patiënten hebben jarenlang te horen gekregen dat niets ter wereld hun kapotte zenuwbanen in het ruggemerg nog kan herstellen. De laatste jaren is de stemming iets optimistischer. Er zijn groeifactoren ontdekt die bij ongeboren en jonge zoogdieren de groei van het zenuwstelsel bevorderen. Een domper was aanvankelijk dat in het ruggemerg van volwassen dieren die groeifactoren worden uitgeschakeld door een bepaald eiwit. Maar de werking van dit eiwit kon op zijn beurt weer worden geblokkeerd. Na succesvolle experimenten met herstel van doorgesneden ruggemerg bij zeer jonge ratjes, die zelf nog een groot vermogen tot zenuwgroei hebben, probeerden Henrich Cheng, Yihai Cao en Lars Olsen van het Karolinska Institute in Stokholm om bij volwassen ratten een complete dwarslaesie te herstellen. Zij verwijderden een stukje van 5 millimeter ruggemerg ter hoogte van wervel T8, bij mensen zit die thoraxwervel ter hoogte van het middenrif. Bij een hersteloperatie brachten ze smalle stukjes perifeer zenuwvezel aan. Dunne implantaten werkten beter dan een dik stuk. Ze gebruikten 18 stukjes perifere zenuwbaan per hersteloperatie. De implantaten vulden lang niet de hele ruimte tussen de twee losse delen ruggemerg, de overblijvende ruimte werd gevuld met een soort fibrinelijm waaruit langzaam fibroblast groeifactor vrijkwam. Dat is een groeifactor die het lichaam bij beschadigingen van zenuwweefsel ook zelf aanmaakt.

De behandelde dieren bleven 1 tot 12 maanden in leven. Daarna werden ze gedood om de gerestaureerde plaats in het ruggemerg te onderzoeken. Opvallend weinig herstelde zenuwuitlopers richting spieren zijn voldoende om enige motoriek te herstellen. Als 10 procent is hersteld is dat voldoende voor enig herstel. De commentator vindt dat hoopgevend voor toekomstige experimenten bij dwarslaesiepatiënten. Maar hij stipt ook aan dat de rafelige breukvlakken bij patiënten veel moeilijker te herstellen zullen zijn dan de schone snijvlakken die bij de ratten waren gemaakt.