Kohl kritiseerde Van den Broek

DEN HAAG, 1 AUG. Bondskanselier Helmut Kohl heeft zich bij de toenmalige premier Lubbers in 1991 beklaagd over de 'eigenzinningheid' van minister Van den Broek van Buitenlandse Zaken in de kwestie-Joegoslavië. Lubbers heeft zijn minister van Buitenlandse Zaken bij de Duitse bondskanselier verdedigd.

Dit schrijft hij in een speciaal nummer van de 'Internationale Spectator', het blad van het Instituut voor Internationale Betrekkingen 'Clingendael'. Van den Broek maakte deel uit van de EG-trojka, die wilde bemiddelen maar daar niet in slaagde.

De EG had volgens Lubbers moeite met de nieuwe situatie omdat de leden van de EG niet wisten hoe om te gaan met het recht van zelfbeschikking binnen het voormalige Joegoslavië. Eensgezind wilde de EG de kwestie aanpakken, maar er bestond volgens Lubbers een groot verschil “tussen de opvattingen van Felipe Gonzalez, met het ene Spanje in zijn achterhoofd, en Helmut Kohl, voor wie Slovenië en Kroatië nu eenmaal dichterbij waren; en die tussen François Mitterrand, voor wie Servië bijzondere aandacht verdiende, en John Major, voor wie Joegoslavië heel ver weg was.”

De Europese Raad wilde krachtig optreden, omdat het voorkomen van geweld in voormalig Joegoslavië een zware Europese verantwoordelijkheid was. Zo stelde de Raad zich op de Top in Luxemburg in 1991 volledig achter de missie van de trojka, belichaamd in de drie ministers van Buitenlandse Zaken.

“Het verloop van deze missie - en van de vele die zouden volgen - is een bekend verhaal; evenals de steeds pijnlijker wordende verhouding tussen Hans-Dietrich Genscher (de Duitse minister van Buitenlandse Zaken, red.) en Hans van den Broek. Helmut Kohl beklaagde zich bij mij over de eigenzinnigheid van Hans van de Broek.

Toen ik hem antwoordde dat naar mijn mening Van den Broek nauwgezet handelde conform de door de Europese Raad verstrekte richtlijnen - namelijk eerst overeenstemming over de grenzen en pas daarna zelfbeschikking voor de vroegere deelrepublieken - maakte dat op de bondskanselier geen indruk. Realpolitik was geboden, zo meende hij. De afloop is bekend. Europa verloor zijn gezicht en zijn gezag'', aldus Lubbers.