Hockeyers in finale na zege op Duitsland

ATLANTA, 1 AUG. Holland Hockeyland, maar nog nooit werd de olympische titel bij de mannen gewonnen. De laatste keer dat Nederland in de finale kwam, dateerde zelfs van 1952 in Helsinki. Vierentwintig jaar later is het eindelijk weer eens zo ver. Nederland versloeg gisteren in de halve finale in Atlanta de Duitsers met 3-1.

Het team speelt morgen in de eindstrijd tegen het verrassend sterke Spanje dat in het olympisch toernooi al won van Duitsland, Pakistan en Australië. “Hier hebben we echt jaren naar uitgekeken”, zei aanvoerder Marc Delissen die na het eindsignaal uit pure vreugde in de armen van scheidsrechter Prior sprong.

Het bereiken van de belangrijkste finale in het hockey (1.30 uur in de nacht van vrijdag op zaterdag) is mede het succes van de nieuwe tactiek die de Nederlandse ploeg sinds een paar maanden hanteert. Het komt erop neer dat er gevarieerder wordt gespeeld. Bondscoach Roelant Oltmans vond dat het spel van Nederland te voorspelbaar was geworden. Alle aanvallende acties begonnen bij Delissen. Door de aanvoerder naar de spitspositie door te schuiven en Floris Jan Bovelander centraal en Stephan Veen rechts op het middenveld te posteren, zijn er nu meer aanspeelmogelijkheden.

Na het vele geschuif binnen de opstelling zijn er uiteindelijk maar twee spelers op hun oude positie gebleven, doelman Ronald Jansen en laatste man Erik Jazet. Voor twee ervaren internationals had de metamorfose grote gevolgen. Jacques Brinkman verhuisde van het middenveld naar de achterhoede en Taco van den Honert werd van een centrale rol naar de rechtsbuiten-plaats verbannen. Beiden vonden dat niet prettig. Van den Honert, die niet de speler is om verhaal te halen bij de coach, toonde begrip. “Ik had wel iets van: kut. Maar ik realiseerde me dat ik met Amsterdam geen goed seizoen had gespeeld.”

Clubgenoot Brinkman was minder inschikkelijk. Hij overwoog serieus te stoppen bij Nederland omdat hij de benoeming tot rechtsback als een degradatie beschouwde. Bij een toernooi in het Engelse Milton Keynes liep hij zo met de pest in zijn lijf rond, dat hij te verstaan kreeg dat hij zich positiever moest gedragen of anders misschien beter kon bedanken. Brinkman verkoos te blijven. “Ik vond de Olympische Spelen te mooi om te laten schieten. Ik wilde gewoon voor goud gaan.”

Die kans is na de zege van afgelopen nacht op Duitsland volop aanwezig. Brinkman is tevreden over zijn spel en schoof, nadat Bovelander naar de kant was gehaald, af en toe door naar het middenveld. “Het is wel mijn laatste toernooi als rechtsachter”, heeft Brinkman inmiddels besloten. “Ik ben en blijf een middenvelder.”

Voor Nederland is het van groot belang dat Brinkman en Van den Honert zich in hun nieuwe rol hebben geschikt. Zij zijn belangrijke pijlers bij de Nederlandse strafcorner. Brinkman geeft de ballen aan en de waarde van Van den Honert werd gisteravond weer eens duidelijk. Hij werd matchwinnaar met één veldgoal en twee benutte strafcorners.

Het brein achter de nieuwe tactiek is Maurits Hendriks, assistent-bondscoach en tevens coach van HGC. Hij haalde vorig seizoen na zijn komst bij de Wassenaarse club Veen naar het middenveld en zette Delissen in de spits. “Ze vonden het allebei een waanzinnige uitdaging”, zei Hendriks. Met name Delissen was aan iets nieuws toe: “Op het middenveld kreeg ik steeds een tegenstander op mijn lip. Daar had ik schoon genoeg van.” Hendriks: “Delissen kwam in de winterstop naar me toe. Hij zei dat hij er alles aan zou doen om de beste spits van Nederland te worden.”

Bij HGC kreeg het elftal de nieuwe strijdwijze in de tweede helft van de competitie echt onder de knie en dat resulteerde in de eerste plaats in de hoofdklasse. Het landskampioenschap moet ook Oltmans hebben overtuigd. Na Pasen werden de aanpassingen met Delissen en Veen ook doorgevoerd bij het nationale team. Uiteraard had Hendriks invloed op de keuze van de bondscoach. “Zulke dingen houden we intern. Maar ik ben niet bij het Nederlands elftal gekomen om mijn mond te houden”, aldus de assistent van Oltmans.

Hendriks ziet in Atlanta met tevredenheid en gepaste trots dat Nederland in de nieuwe samenstelling moeilijk te bespelen is voor de tegenstanders. “Ze weten niet op wie ze zich moeten concentreren.” Nog belangrijker is volgens Hendriks dat de eigen ploeg steeds meer in het succes van het systeem gaat geloven. Bovendien heeft Nederland de mogelijkheid om desgewenst terug te keren naar de conservatieve opstelling, met Delissen centraal op het middenveld.

De tegenstander in de olympische finale, Spanje, maakte al kennis met het 'nieuwe' Oranje. Nederland speelde in de eerste week van juli twee oefenwedstrijden tegen de Zuideuropese ploeg. Het werd 3-3 en 3-1 voor Nederland. Bondscoach Oltmans: “Spanje is misschien een verrassende finalist, maar het team heeft toen al veel indruk op ons gemaakt. We hadden in de eerste helft van de tweede wedstrijd helemaal niets te vertellen.”

Oltmans wil morgenavond met zijn ploeg een tendens doorbreken. Nederland kwam bij de laatste twee titeltoernooien, het WK in 1994 in Australië en het EK in 1995 in Ierland, in de finale, maar verloor beide keren. “Nu willen we meer. We willen geschiedenis schrijven.”