Fietsen als auto's

TILBURG. In Tilburg krijgt de fiets de status van de auto. De bus duurt lang en kost veel overheidsgeld, dus probeert het gemeentebestuur de bewoners op de fiets te krijgen. Vanuit het centrum loopt een ster van glad geplaveide snelpaden met voorrang op de autowegen die ze doorkruisen.

De markeringen zijn zo duidelijk dat alle auto's keurig stoppen wanneer een rijwiel hun weg kruist. Als koningen op de weg peddelen Tilburgenaren geruisloos door de vlakke stad. Binnen een half uur is het naburige Oisterwijk te bereiken. De gemiddelde snelheid ligt zo hoog dat fietsers er weinig behoefte aan hebben om bij de enkele verkeerslichten die ze passeren, door rood te rijden, over de stoep of tegen het verkeer in te gaan.

De parallel met de auto gaat verder: sinds 1 juli is er een parkeerverbod voor fietsen in en nabij de centrale winkelstraat van de stad, de Heuvelstraat. De middenstand en de horeca zagen in de her en der tegen palen geketende tweewielers tekenen van “verloedering”. Onder Tilburgs centrale terrassenplein, De Heuvel, ligt nu een bewaakte fietsparkeergarage waar de mensen voor vijftig cent per keer of 30 gulden per jaar hun rijwiel kwijt kunnen.

De fietsenstallingen zijn een succes, het parkeerverbod niet zo. Tilburgenaren durven zelfs met een citybike van 2000 gulden naar de binnenstad te gaan, omdat die tegen laag tarief goed wordt bewaakt. Maar met het parkeerverbod is het stadsbestuur doorgeschoten. Ook in andere gemeenten begint deze trend. Rotterdam heeft zelfs de klemmen in de Coolsingel weggehaald. De fietser die daar een brood wil kopen, wordt door etalagebordjes “verboden fietsen te plaatsen” verbannen naar afgelegen betaalde stallingen.

De fietser is juist zo snel omdat hij overal voor de deur kan parkeren. Daarin onderscheidt hij zich van de auto. De horeca en de middenstand hebben baat bij hun bereikbaarheid. Vooral in het weekeinde komen er veel fietsers naar de binnenstad. Maar wie in de stad een filmrolletje moet laten ontwikkelen gaat niet naar bewaakte en onbewaakte stallingen rond het centrum. “De mensen willen hun voertuig het liefst bij de kassa kunnen zetten”, merkt een Tilburgse fietser op.

Direct achter het verbodsbord voor fietsers en bromfietsen, staan de rijwielen opgesteld voor de etalage van de kledingzaak Peek & Cloppenburg. “Het was uitverkoop en toen ben ik toch maar even naar binnengegaan. Ik kwam net van mijn vriendin af”, zegt een grijze vrouw van in de zestig, terwijl ze haar fiets ontsluit. Eigenlijk is ze wel ingenomen met het parkeerverbod, maar het moet dan wel serieus worden afgedwongen. “Als ze je echt gaan bekeuren voor het neerzetten van fietsen, dan doeh ge dah nie meer”, zegt ze over haar verboden gedrag.

De bedoeling is dat de bewakers van de fietsenstalling (het zijn Melkertbanen) gaan patrouilleren en zo nu en dan fietsen zullen weghalen. Volgens een woordvoerder moeten de mensen schrikken als ze een geüniformeerd persoon zien, al is die slechts een soort portier. Het plan klinkt niet zo vastberaden, maar teveel fietsrazzia's zouden het bezoek aan de binnenstad kunnen afremmen. De meeste fietsers stallen goed uit vrije wil, omdat het centrum klein is. Beugels en stallingen zijn effectiever dan een half afgedwongen verbod.

Winkeliers hebben een tweeslachtige houding tegenover de fiets. Gaby van Houten van Van Houten herenkleding is blij dat er geen rijwielen meer mogen staan. “Ze sluiten mijn etalage af. De mensen zien mijn aanbiedingen niet meer en dan verkoop ik toch minder”, zegt hij. Van Houten moet het toch van automobilisten hebben, want “een pak van 700 gulden bind je niet achterop de fiets”, zegt hij.

In de borst van de ervaren rijwielhandelaar Kees Smits schuilen twee zielen. Enerzijds is hij blij met de tweebaans snelpaden in Tilburg. Die bevorderen de belangstelling voor zijn koopwaar. Anderzijds is hij “als zakenman” begaan met de winkeliers die minder bereikbaar zijn geworden voor auto's omdat de straat waar ze aan zijn gevestigd fietspad is geworden. Volgens onderzoek van de gemeente zelf is het fietsverkeer niet gegroeid ondanks de voortvarende maatregelen. Zolang de auto oppermachtig is en het rijk daar - met steun van de kiezers - weinig tegen doet, kunnen gemeenten zich geen autoluw beleid veroorloven.

Hoewel het vlakke Nederland fietsland bij uitstek is, verkeert het rijwiel in legaal niemandsland. De gemeente Tilburg neemt fietsen serieus maar het regionale politiekorps hecht er minder belang aan. Ook in Tilburg worden veel fietsen gestolen. Sommige criminologen tellen fietsendiefstallen al niet meer mee bij misdaadstatistieken.

Fietsers worden zelden bekeurd voor hun fouten. Ze vallen niet onder de “prioriteiten”. De politie heeft het te druk met auto's.

In de drukke Randstad heerst fietsanarchie. De Amsterdamse fietser, die minder ruimte krijgt dan in Tilburg, voelt zich door niemand gewaardeerd, terwijl hij zichzelf de deugdzaamheid in eigen persoon waant. Milieuvriendelijk en gezond maar ook gelijkhebberig en grof. Hij kan zich een overtredinkje of drie veroorloven en hij stort zich met zelfmoordtempo door het rode licht, jaagt voetgangers van het zebrapad en schopt tegen auto's die hem niet bevallen.

De dubbele wetteloosheid culmineert in slechte verlichting. Mensen rijden 's nachts op donkere karretjes, omdat fietsen van betere kwaliteit meteen worden gestolen. Fietsendieven noch onverlichte fietsers worden gepakt. Een voorlichtingsactie voor betere verlichting van de fietsen “Laat Je Zien”, is mislukt. De politie passeerde de onverlichte fietsers voor interessantere karweitjes.

Fietsers kunnen niet genoeg worden verwend, met snelpaden, met goedkope stallingen, met beugels voor winkels om de opopruiming niet te missen en met bestrijding van diefstallen - maar niet met permissiviteit.