Wonder beslist Spartaanse uitputtingsslag

ATLANTA, 31 JULI. Het is nog vroeg in de morgen als de eerste bezoekers zich melden in de hal waar het eerste onderdeel van de moderne vijfkamp wordt gehouden. Ondanks het onmogelijke uur wordt iedereen verwelkomd met het geknal van pistoolschoten, want al om zeven uur zijn de atleten begonnen met hun eerste onderdeel: het schieten.

Voor de geïnteresseerden onder u is het misschien aardig om te weten dat tegenwoordig wordt geschoten met een .177 kaliber luchtpistool, in plaats van met het .22 kaliber snelvuurpistool dat vroeger op de Spelen werd gebruikt. Behalve het schieten bevat de moderne vijfkamp of moderne pentathlon ook nog vier andere disciplines, maar daarover straks.

Het waren de Spartanen die in 708 voor Christus de pentathlon op het olympische programma hebben gezet. Zij vonden de sporten van de Atheners meer iets voor meisjes en wensten militaire krijgshaftigheid. De Spartaanse vijfkamp werkte dan ook volgens het knock-outsysteem. Na het discus- en speerwerpen en het verspringen en hardlopen waren nog twee deelnemers over voor de worstelmatch. De winnaar daarvan mocht zich olympisch kampioen noemen.

Zo hoort het natuurlijk ook, maar helaas wordt in veel moderne sporten de uitslag beslist via een pietluttig systeem van puntentelling. Toen Baron de Coubertin twaalf eeuwen later de olympische gedachte nieuw leven wilde inblazen, had hij een droom. Hij droomde van de volmaakte officier, die op zijn paard een belangrijke boodschap door vijandelijke linies moest smokkelen. Eerst baande de officier zich een weg met zijn pistool en als dat leeg was, gebruikte hij zijn sabel. Als zijn paard werd omgelegd, dook de officier in een wild stromende rivier en zwom naar de overkant. Daar kroop hij aan wal en rende vervolgens door een dikbegroeid bos om nog precies op tijd zijn boodschap over te brengen.

U begrijpt het al. Laat de droom weg en wat overblijft is paardrijden, schieten, schermen, zwemmen en hardlopen. Dat is de moderne vijfkamp. Deze volgorde maakt duidelijk dat schieten oorspronkelijk niet het eerste onderdeel was. Omdat voor het richten een vaste hand nodig is en vermoeidheid in de loop van de pentathlon nu eenmaal een steeds grotere rol gaat spelen, werd het schieten vooraan geplaatst.

Het schieten heeft altijd voor veel opschudding gezorgd. Zo deed in 1912 de latere generaal Patton mee aan de pentathlon. Hij had ook zeker goud gewonnen als hij bij het schieten op het beslissende moment niet dramatisch had gefaald. Na afloop verklaarde Patton dat hij wel degelijk raak had geschoten, maar dat zijn kogel door een gaatje was gegaan dat door een voorgaande kogel was veroorzaakt. Maar dat is het verleden. Vandaag wordt het schieten gewonnen door de Zwitser Waefler met 1.156 punten, gevolgd door de Est Tiidemann en de Australiër Johnson.

Na het schieten volgt het schermen. De zaal wordt omgebouwd en weer treden de 32 deelnemers aan. Een volledige competitie wordt afgewerkt, waarbij iedere partij na een touché is afgelopen. Waefler valt terug en de leiding wordt overgenomen door Paragyn uit Kazachstan.

De vijfkampers zijn al vijf uur bezig als zij in een autobus naar het zwembad worden vervoerd. Een bus met journalisten en fotografen volgt op eerbiedige afstand. In het zwembad staat de 300 meter vrije slag op het programma. Opnieuw wordt de ranglijst overhoop gehaald. Na het zwemmen staat de Italiaan Toraldo bovenaan, Paragyn zakt terug naar de vierde plaats.

De bussen staan weer gereed en nu gaat het naar het Georgia International Horse Park, waar de twee laatste onderdelen worden afgewerkt. Eerst het paardrijden, niet alleen de basis van de pentathlon, maar ook het vreemdste onderdeel. Voor 32 deelnemers staan 16 paarden klaar, die dus ieder tweemaal in actie zullen komen. Wie op welk paard over de twaalf hindernissen rijdt, wordt door het lot bepaald. Weliswaar zijn de paarden voor de wedstrijd getest op hun springvaardigheid, maar de praktijk heeft uitgewezen dat geluk hierbij een niet uit te bannen factor is. Sommige paarden springen nu eenmaal beter dan andere paarden. Dat ondervond de Zweed Hall, die in 1952 in Helsinki een kreupel paard had geloot. Na een protest kreeg Hall een nieuw paard en dat bleek het snelste te zijn van heel Finland. Hall hoefde alleen maar de nek van zijn paard te omklemmen om in recordtijd naar de finish te snellen. Het leverde Hall de olympische titel op.

Ook vandaag blijven niet alle vijfkampruiters overeind. De Australiër Johnson trekt zo hard aan de teugels dat hij onder zijn paard terecht komt en met een bebloede kop over de meet moet worden gedragen. Maar na twaalf uur vijfkamp is ook deze discipline afgewerkt. Toraldo leidt nog steeds, gevolgd door Paragyn en de Hongaar Martinek.

Het laatste nummer, vier kilometer hardlopen, is de climax van de dag. De startvolgorde is omgekeerd aan die van een tijdrit bij het wielrennen. Nummer één in het klassement vertrekt als eerste, gevolgd door nummer twee. De voorsprong van nummer één op nummer twee wordt bepaald aan de hand van een sleutel die punten in seconden omrekent. Zo kijken de achtervolgers de koploper in de rug. In het verleden heeft dit systeem al verschillende malen tot sensationele inhaalraces geleid.

Tornaldo vertrekt met 15 seconden voorsprong op Paragyn, die op zijn beurt weer 7 seconden voorsprong heeft op Martinek. Vier ronden van een kilometer moeten worden afgelegd. Na een kilometer wordt Tornaldo door Paragyn en Martinek gepasseerd, maar uit het achterveld rukt met grote snelheid de Rus Zenovka op. Hij vertrok vanaf de zesde plaats en moet bijna een volle minuut goedmaken. Een ronde voor het einde is Zenovka bijgekomen. Martinek valt af en samen stormen Zenovka en Parygin naar de eindstreep. Zenovka lijkt te winnen, geen twijfel mogelijk. Paragyn kijkt om en steekt zijn arm al omhoog, ten teken dat hij ook blij is met de tweede plaats.

Maar dan gebeurt het wonder. Zenovka versnelt nog eenmaal en ook Paragyn gaat met hem mee. Plotseling wil Zenovka's lichaam echter niet meer en met grote, dronken stappen struikelt hij - één meter voor de finish - over zijn eigen benen en ligt in het zand. Paragyn springt over hem heen en wint, tot zijn eigen verbazing. Het duurt even voordat Zenovka begrijpt wat er is gebeurd. Hij grijpt naar zijn hoofd en kruipt na twaalf uur schieten, schermen, paardrijden en hardlopen als een gebroken man over de eindstreep.