Samen tegen de terreur

ALS EEN SOORT alternatieve Veiligheidsraad heeft de G-7 samen met Rusland gisteren richtlijnen uitgevaardigd voor de bestrijding van het terrorisme. De indruk die de recente aanslagen hebben gemaakt creëert de behoefte aan internationale samenwerking.

Afgezien van het feit dat de bekendgemaakte maatregelen sterk doen denken aan al vele jaren geleden geuite goede voornemens, draagt het informele karakter van het gezelschap niet bij tot grotere geloofwaardigheid. Wie werkelijk de medewerking van de goedwillende mogendheden wenst, mag zich niet verlaten op een paar goed in het gehoor liggende slogans. Dan zullen de instituties te hulp moeten worden geroepen die wel degelijk volgens afgesproken en bekrachtigde regels te werk gaan.

Maatregelen tegen terrorisme roepen naar hun aard spanningen op. Technisch is de bestrijding ervan bijzonder ingewikkeld omdat terroristen nu eenmaal zoveel mogelijk anoniem en in het verborgene te werk gaan. Hun tactiek is die van de volslagen verrassing wat betreft tijd en plaats van de aanslag. Atlanta is daarvan een voorbeeld. Nu de voor de hand liggende doelen streng werden bewaakt, richtte de bommenlegger zich op een open terrein waar veel publiek voor zijn genoegen bijeen was. Absolute veiligheid kan slechts in een politiestaat worden benaderd.

DAT ROEPT tegelijk het vraagstuk op van de gevolgen voor de individuele vrijheid en de privacy. In Nederland heeft de ontsporing van het politiële en justitiële apparaat bij de bestrijding van de drugshandel geleid tot een hevig intern debat en tot een nieuwe aanpak. Niemand wil criminelen vrij en ongestraft laten rondlopen, maar dat betekent niet dat de sterke arm niet meer behoeft te worden gecontroleerd. Bij de uitvoering van de op de G-7-samenkomst in Parijs aanbevolen maatregelen is nu juist de controleerbaarheid oningevuld gebleven. Althans, er blijven voor de daar niet uitgenodigde landen voldoende vragen openstaan die om een duidelijk antwoord vragen.

Op internationale samenwerking bij de bestrijding van terrorisme valt op zichzelf niets af te dingen. De wereld wordt kleiner en daarvan profiteren ook allerlei vormen van misdaad. Maar die samenwerking moet dan wel doordacht zijn en structureel worden opgezet. Oprispingen die al te duidelijk in het verlengde liggen van een presidentieel verkiezingsjaar leiden af van de hoofdzaak. Terrorisme is geen nieuw verschijnsel. Autoriteiten doen er goed aan de indruk te vermijden dat zij het nu pas ontdekken.