Gulden tegenover mark onder druk

AMSTERDAM, 31 JULI. Sinds gisteren noteert de D-mark voor het eerst in bijna twee jaar weer boven de 1,1230 gulden. Indien de gulden ten opzichte van de mark onder druk blijft staan, dan zal De Nederlandsche Bank waarschijnlijk opnieuw los van Duitsland de speciale beleningsrente verhogen. Daarmee komt onmiddellijk de vraag op of het dan geen tijd wordt om ook de voorschotrente op te schroeven.

De verzwakking van de gulden tegenover de mark begon in mei. Toen noteerde de mark nog 1,1180 gulden. Het feit dat het inflatieverschil met Duitsland sinds begin dit jaar in Nederlands nadeel is, komt de positie van de gulden echter niet ten goede. Tevens verschijnen sinds enkele maanden in Duitsland signalen van economisch herstel, die de hoop op verdere Duitse renteverlagingen deden afnemen. Even herleefde vorige week de hoop op een verlaging van het Duitse repo-tarief. Toen de Bundesbank afgelopen donderdag echter niets deed, werd het oude patroon weer opgepakt. De gulden verzwakte en de 1 en 3 maands AIBOR tarieven, die kort daarvoor fors waren gedaald, stegen met 6 respectievelijk 10 basispunten.

Gisteren hield DNB de beleningsrente nog stabiel op 2,7 procent. Bij een verhoging van dit tarief zou het verschil met de voorschotrente oplopen tot 0,8 procentpunt. Een dergelijk groot verschil trad voor het laatst op rond de jaarwisseling 1990/91 en was toen slechts van zeer korte duur. Toch zal DNB thans uiterst terughoudend zijn met het verhogen van de voorschotrente, omdat 'de internationale markt' daaruit ten onrechte zou kunnen afleiden dat de Europese rente definitief de weg naar boven heeft ingezet.

In de verslagweek vonden in de weekstaat slechts geringe mutaties plaats, waarbij de bodem van de schatkist in zicht bleef. De geldmarkt bleef vrij ruim, getuige het oplopen van de besparing op het contingentsverbruik van 1 procent vorige week tot 2,2 procent deze week.

Vandaag raakt de schatkist wat beter gevuld, dankzij de gebruikelijke eindemaands belastingafdrachten. Die afdrachten overtreffen qua omvang de dezer dagen plaatsvindende betalingen door het Rijk, waaronder terugbetaling van kasgeldleningen en rente en aflossing op staatsleningen. Per saldo wordt de geldmarkt uit dien hoofde dus verkrapt. Desondanks is het opvallend dat DNB de kasreserve voor de periode 31 juli - 7 augustus op nihil heeft gesteld. Dit hield niet uitsluitend verband met de verwachte mutaties in de schatkist. Een andere marktverkrappende factor dezer dagen is de storting op en de omzetting in Franse francs van de euro-guldenslening van Cades (een soort Franse Sociale Verzekeringsbank). De lening heeft maar liefst een omvang van 3 miljard gulden.

Bron: Economisch Bureau ING