Brentjens eerste kampioen mountainbike; Angst voor lekrijden verdwijnt pas bij finish

CONYERS, 31 JULI. Bart Brentjens gaat de geschiedenis in als de eerste mountainbiker met olympisch goud. Maar voordat de 27-jarige Limburger gisteren na 48,7 kilometer finishte, schoten in de laatste ronden angstbeelden door zijn hoofd, bekende hij na afloop.

Hij had zijn achtervolgers in de loop van de wedstrijd op de paardenbaan met speels gemak op twee minuten gezet, maar die voorsprong had hij bij een lekke band weer net zo makkelijk kwijt kunnen raken.

Op dezelfde stoffige baan van het Georgia International Horse Park in Conyers reed Brentjens vorig jaar november bij een pre-olympische race tot twee keer toe lek. Hij kwam toen niet verder dan de vijfde plaats, ver achter winnaar Christophe Dupouey. Gisteren werd de Fransman vierde en werd Brentjens gelauwerd als olympisch kampioen.

Op de zachte bosgrond bestond geen gevaar voor lekrijden. Maar het onheil lag voortdurend op de loer als de wielen van Brentjens' oranje, tien kilo zware mountainbike over natuursteen, grote keien, doornen en scherpe rotsranden stoof. Oud-wielrenner Gert-Jan Theunisse, trainer en zwager van Brentjens, had dezelfde vrees, gaf hij na de wedstrijd toe. “Ik ben nog nooit zo zenuwachtig geweest. Meer dan in al mijn eigen wedstrijden bij elkaar.”

Een dag voor de wedstrijd werd in het Brentjens-kamp nog uitgebreid gedelibereerd over de banden die gebruikt moesten worden. Van voren ging er uiteindelijk een allround-band op, achter een half-slick. In beide banden werd meer lucht gepompt dan gebruikelijk, tot vier atmosfeer. Om materiaalpech in de slotfase te voorkomen, nam Brentjens op advies van Theunisse in de laatste twee ronden geen enkel risico meer.

Brentjens was het voor de tienduizenden toeschouwers als regerend wereldkampioen aan zijn stand verplicht om zich voorin te laten zien. Toen de Italiaan Luca Bramati, van oorsprong veldrijder, er al meteen na de start vandoor ging, aarzelde Brentjens niet. In zijn WK-race in september moest hij Bramati aanvankelijk laten ontsnappen, maar kon hij hem later alsnog inhalen. Bramati viel daarna uit met een gebroken derailleur. Het duo sloeg gisteren een gat van meer dan twee minuten.

Over het olympisch mountainbiketerrein schalde tijdens de wedstrijd keihard Take it Easy van The Eagles, maar Brentjens trok zich van dat advies niets aan. De andere Nederlander in de race, Marcel Arntz, gaf er wel gevolg aan. Hij had last van zijn rug en reed nog lek ook. “Als het bij mij niet draait, draait het ook helemaal niet. Dan vecht ik alleen maar tegen mezelf”, zei de mountainbiker die afstapte op het moment dat Brentjens alleen op kop reed. Arntz omschreef de race, die bij dertig graden en windkracht vijf werd verreden, als een survivaltocht. “De sterkste wint hier. Het is een echt krachtparcours.” Toen Brentjens langsreed, was Arntz vol lof: “Ik heb hem nog nooit zo sterk zien rijden. Hij zit nog lang niet kapot.” De wereldkampioen regeerde als geen ander op het parcours dat de Amerikanen omschreven als “een achtbaan van klei en graniet”.

Van de 43 renners die 's ochtends van start gingen, kwam Brentjens als eerste aan, na 2.17,38 uur in een gemiddelde snelheid van 21,2 kilometer per uur. Toen de Zwitser Frischknecht twee minuten en 36 seconden later als tweede over de streep ging, stond Brentjens al met zijn vrouw Petra in zijn armen. Een dikke traan rolde over haar wang. Ze had als verzorgster langs het parcours gestaan, maar was geen moment nerveus geweest. “Ik zag dat hij heel sterk was.”

Brentjens - onder het stof, met smerige sokken, vieze nagels en een vuil gezicht - kreeg van zijn verzorger eerst een poetsbeurt. Hij rechtte zijn zere rug en gaf zijn commentaar op de race. Hij vertelde over Bramati, die uiteindelijk op 8,27 minuten op de achtste plaats eindigde: “Een echte Italiaan, die alleen maar blufte door er zo snel na de start vandoor te gaan.” Over hoe hij wegsprong bij zijn concurrent. “Ik had niet gedacht dat het zo gemakkelijk zou gaan.” Over wat hij de dag ervoor zijn vrouw had voorgehouden: “Als ik een gaatje krijg, laat ik dat niet meer los. En het is nog gelukt ook. Ik kan het niet geloven.” Zijn wereldtitel van 1995 was opeens in waarde gedevalueerd. “Hier kunnen geen tien wereldtitels tegenop.” Brentjens sprak ook een wens uit: “Ik hoop dat deze sport in Nederland nu meer erkenning krijgt.”

Genoten had Brentjens van de Amerikanen langs het parcours die hem in zijn solo naar de eindstreep schreeuwden. Het warme weer - “hoe slopend het ook was” - lag hem wel. “Dat is goed voor je spieren.” Hoewel de hitte hem naar eigen zeggen kippenvel bezorgde, leed hij daar niet onder. “Ik heb me goed natgehouden en veel gedronken, wel drie flessen per ronde.”

Veel rust is Brentjens niet gegund, maakte echtgenote Petra duidelijk. Komend weekeinde rijdt hij alweer een World-Cupwedstrijd, later in het jaar de Tour de France voor mountainbikers en het EK en WK. Mede daarom vertrekt Brentjens vanavond laat al naar Nederland, hoewel NOC*NSF graag had gezien dat hij zijn goud nog een paar dagen had voorgehouden aan de rest van de Nederlandse equipe.

Na de race, op weg naar de dopingcontrole, liet Brentjens weten dat hij het op prijs zou stellen als zijn vrouw die avond bij de huldiging in het Holland House aanwezig kon zijn. Of hij in Hans Dijkstal de vice-premier herkende of hem voor een serviel lid van de Oranje-entourage aanzag, was niet duidelijk. Brentjens wees naar de VVD'er en zei: “Regel dat even...”

Bij de vrouwen eindigde de Nederlandse Elsbeth Vink als vijfde. De wedstrijd werd gewonnen door de Italiaanse Paola Pezzo.

    • Ward op den Brouw