Nieuwe werkloosheidswet werkt willekeur in de hand

Het kabinet wil de sociale zekerheid versoberen. Na de Ziektewet is nu de Werkloosheidswet aan de beurt. Maar de nieuwe regels die hiervoor zijn gemaakt, leiden volgens Diederik Stols onvermijdelijk tot chaos in de uitvoering.

Sinds een paar maanden mag het ontslagrecht zich in een grote belangstelling verheugen. Na de opwinding over gouden handdrukken is het nu de 'ontslaggolf' bij de kantonrechters die de aandacht trekt. Waar komt al deze ophef toch vandaan?

Een half jaar na de ingreep in de Ziektewet is nu (onder andere) de Werkloosheidswet (WW) aan de beurt voor een herziening. De toegang tot de Werkloosheidswet wordt aangescherpt. Werknemers die ontslagen dreigen te worden en het vervolgens op een akkoordje gooien met hun wergever, hebben geen recht op WW, is de gedachte.

Hoe gaat zoiets in de praktijk? De werkgever die van een werknemer af wil, doet tijdens het ontslaggesprek een voorstel (vaak met daarin een schadevergoeding). Om het arbeidsbureau te vermijden, wordt de arbeidsovereenkomst vervolgens 'pro forma' ontbonden bij de kantonrechter. Dat is een vlotte, schriftelijke procedure; er komt geen rechtszitting aan te pas. De werknemer kan, als hij een WW-uitkering aanvraagt, aantonen dat hij zich tegen zijn ontslag heeft verweerd. Hij is dan niet verwijtbaar werkloos en heeft recht op een WW-uitkering.

Op deze manier worden jaarlijks tienduizenden werknemers de WW in 'geholpen'. Het blijft voor alle betrokkenen - advocaten, kantonrechters en vooral bedrijfsverenigingen - een groot mysterie wat er straks met de pro forma-procedure gaat gebeuren. Gevoed door die onzekerheid woedde er de afgelopen maanden een ware ontslaggolf door Nederland. Iedereen wilde namelijk nog vóór 1 augustus zijn ontslagzaken regelen.

Wat nu? Ontslagzaken worden na 1 augustus langer en vooral kostbaarder, zowel voor de werkgever als voor de werknemer. Ook de bedrijfsverenigingen krijgen een probleem, omdat de nieuwe wet uitblinkt door vaagheid. Daardoor zullen de bedrijfsverenigingen er niet mee uit de voeten kunnen.

Als de werknemer 'redelijkerwijs heeft moeten begrijpen' dat hij door een bepaalde 'gedraging' ontslagen zou worden, is hij verwijtbaar werkloos en heeft hij geen recht op WW. Ook de richtlijnen, die bedoeld zijn om de bedrijfsverenigingen houvast te bieden, zijn onduidelijk.

Bovendien hebben de bedrijfsverenigingen hebben onvoldoende capaciteit om de nieuwe wet uit te voeren. Elke nieuwe WW-aanvraag zal tot op de bodem moeten worden uitgezocht. Het is aannemelijk dat de 'afgewezen' aanvrager in beroep zal gaan tegen de afwijzingsbeslissing. Na de kantongerechten zullen dus ook de administratieve rechters worden overspoeld met zaken. De kans is groot dat de wet leidt tot willekeur en chaos, van hetzelfde kaliber als het recente fiasco met de zogenoemde bonus/malus-regeling in de arbeidsongeschiktheidswet (WAO).

Het lijkt er sterk op, dat de regering deze ontwikkeling - onnodig langdurige ontslagzaken - niet heeft zien aankomen. Opvallend is, dat in de nieuwe wet met geen woord over de pro forma-procedure wordt gerept. Ook de toelichting op het wetsvoorstel zwijgt in alle talen.

Alleen tijdens de Kamerbehandeling heeft de toenmalige staatssecretaris er terloops een paar woorden aan gewijd. De nieuwe wet is niet bedoeld om de pro forma-procedure aan te pakken, zei de staatssecretaris. En terecht. Ondanks het algemene ontslagverbod in Nederland, weet iedere werknemer dat als zijn baas kwaad wil, het uiteindelijk wel zal lukken het ontslag rond te krijgen.

Wat is er dan tegen om de werknemer de lijdensweg van een lange, slepende rechtszaak te besparen? Waarom mag hij niet, zoals bij ieder ander geschil, een overeenkomst sluiten ter voorkoming van een rechtszaak? Een werknemer die niet goed functioneert, hoeft nog niet verwijtbaar te handelen. Dat doet hij alleen maar als hij opzettelijk niet goed functioneert, of als hij bijvoorbeeld een greep uit de kas doet.

Door de vaagheid van de nieuwe Werkloosheidswet zal de werknemer zijn ontslag tot het bittere eind aanvechten, om maar te laten zien dat hij zich verzet heeft. Het wachten is op een bruikbare Werkloosheidswet, waarin wèl duidelijk staat wat wel en wat niet verwijtbaar is.