Fraude met nep-polis 'kinderlijk eenvoudig'

UTRECHT, 30 JULI. Teamleider Ben Hilberts van het Assurantie Recherche Team is zeer geïrriteerd bij aanvang van het gesprek in het Utrechtse hoofdkantoor van de Economische Controledienst. Hij heeft zojuist telefonisch contact gehad met een verzekeraar die voor 650.000 gulden is opgelicht door een tussenpersoon. De maatschappij wil het met de oplichters op een akkoordje gooien om haar verzekeringspremies terug te zien en wenst geen aangifte te doen.

“Ze kunnen niet alleen aangifte doen als hen dat uitkomt”, zegt Hilberts. “Dit kan absoluut niet door de beugel”.

Hilberts geeft leiding aan een team van negen rechercheurs van de Economische Controle Dienst dat zich heeft gespecialiseerd in verzekeringsfraude. “Het verwijderen van de rotte appels in de branche”, zegt Hilberts. “Dat is onze missie.”

De verzekeraar die 650.000 gulden dreigt te verliezen heeft zich in de luren laten leggen door een malafide tussenpersoon. Die heeft collectieve verzekeringen afgesloten voor de niet bestaande werknemers van fictieve BV's. Volgens het in Nederland gangbare systeem van afsluitingsprovisies heeft de tussenpersoon daarbij direct 650.000 gulden aan provisie ontvangen voor verzekeringspremies die nooit betaald zullen worden. Nu de zaak aan het licht is gekomen wil de verzekeraar de betaalde provisies omzetten in een lening aan een nieuwe BV die de tussenpersoon moet oprichten.

Hilberts is woedend. “Ik vindt het allemaal prima hoor”, zegt hij. “Maar laat zo'n verzekeraar naar buiten toe nooit meer doen alsof ze de moraliteit en het normbesef hoog in het vaandel hebben staan.”

Hilberts en zijn negen collega's besteden negentig procent van hun tijd aan het opsporen en onderzoeken van fraude met levensverzekeringen. Frauderen met levensverzekeringen is volgens Hilberts kinderlijk eenvoudig. “Ik kan u de meest ingewikkelde zaken uitleggen als u dat wilt, maar het principe is simpel”, zegt hij. “U en ik kunnen vandaag nog een vennootschap oprichten. We zoeken in portieken, telefoonboeken of op grafzerken namen bij elkaar van nietsvermoedende mensen voor wie we levensverzekeringen aanbrengen bij een maatschappij. We vragen vooruitbetaling van de provisie. Als de eerste verzekeraar niet hapt, stappen we gewoon naar de volgende. De provisie stroomt direct binnen en binnen een paar weken kunnen we een leuk optrekje kopen.”

Het is Hilberts “volstrekt een raadsel” waarom de verzekeringsbranche het systeem van gespreide provisiebetaling, een alternatief voor het systeem van afsluitingsprovisies, niet verplicht stelt. “Daarmee zou het probleem direct uit de wereld geholpen zijn”, zegt hij. “Dan zou mijn team zich kunnen richten op andere fraudezaken waar we nu niet aan toe komen. We zouden bij voorbeeld in hypotheekfraude moeten investeren, maar hebben daar nu geen tijd voor.”

Jaarlijks verliezen de verzekeraars honderd miljoen gulden aan fraude met levensverzekeringen en Hilberts “heeft duidelijke aanwijzingen dat steeds meer criminelen de branche opzoeken”.

“De wereld van de fraudeurs is klein”, zegt hij. Ze weten welke maatschappijen ze moeten opzoeken.” Er bestaan in Nederland ongeveer 23.000 tussenpersonen. Volgens Hilberts behoren tussen de acht en negen duizend tot de harde kern die echt operationeel is. “Natuurlijk wordt ook daar gefraudeerd”, zegt Hilberts, “maar dan gaat het om incidenten. Incidenten die in elke branche voorkomen.”

Volgens Hilberts wordt nu in slechts tien procent van de gevallen door verzekeraars aangifte gedaan van fraude. Maatschappijen zijn bang voor de negatieve publiciteit die daarmee gepaard kan gaan. Het overgrote deel van de zaken wordt daarom civielrechtelijk afgedaan. Tussenpersonen die tegen de lamp lopen, stappen simpelweg naar een andere maatschappij. Verzekeraars, zo meent Hilberts, zouden zichzelf de vraag moeten stellen hoe zij die overstap zien: gaat de fraudeur naar een collega of naar de concurrent?

In het afgelopen jaar heeft de Economische Controledienst (ECD) 20 arrestaties verricht wegens fraude met levensverzekeringen. Het Assurantie Recherche Team bracht 22 zaken aan bij het openbaar ministerie. Dit jaar heeft de ECD in 7 zaken al 16 mensen gearresteerd en zijn 15 zaken aangebracht bij het Openbaar Ministerie.

Tot op heden kwam justitie tot veroordelingen in een aantal kleine en middelgrote fraudezaken. De eerste werkelijk grote zaak van het Assurantie Recherche Team, dat in april 1993 is opgericht, moet nog worden afgerond. “De zaken zijn enorm ingewikkeld en arbeidsintensief”, zegt Hilberts. “Een grote zaak waarvan in 1994 aangifte is gedaan komt waarschijnlijk in oktober voor de rechter.”

Intussen wordt de verzekeringsbranche langzaam wakker. Het fenomeen fraudecoördinator is bij veel maatschappijen ingeburgerd geraakt in de afgelopen jaren. Verzekeraars als Aegon en Amev hebben voor deze functie oud-politiemensen aangesteld. “Ik heb nu tenminste bij de meeste verzekeringsmaatschappijen een vast aanspreekpunt”, zegt Hilberts. “Vijf jaar geleden deed niemand aangifte. Bij de maatschappijen ontstaat het vertrouwen dat zaken die zij aanleveren binnen vier muren worden afgehandeld.”

Verzekeraars worden soms voor grote bedragen opgelicht door tussenpersonen waarmee nog nooit eerder zaken zijn gedaan. “Hoe hebben ze dat kunnen doen?”, vraagt Hilberts zich soms af. “Een tussenpersoon die is ingeschreven als Britse Incorporated, of een Amerikaanse Delaware, is verdacht”, zegt hij. “Als bovendien vooruitbetaling van de provisies wordt geëist zou er bij de verzekeraars toch een lampje moeten gaan branden.”

Hilberts voelt altijd de kritische blikken van de afdeling verkoop op zich gericht, als hij bij verzekeraars lezingen geeft over het preventiebeleid. “Er moet tenslotte omzet worden gedraaid”, zegt hij. De honderd miljoen gulden die de levenbranche jaarlijks verliest is peanuts, meent hij, wanneer de vette winsten in de branche in aanmerking worden genomen. Hilberts: “Bedrijfseconomisch gezien kan ik me voorstellen dat men zegt: ach wat maakt het eigenlijk uit. Maar als er geen aangifte wordt gedaan is er geen houden meer aan.”

Als de branche het probleem werkelijk wil aanpakken, ziet Hilberts voldoende mogelijkheden. Een centraal meldpunt voor fraude met levensverzekeringen zou een eerste belangrijke stap kunnen zijn, maar het CIS, een centraal informatiesysteem dat daarvoor enkele jaren is opgericht, was een kort leven beschoren. Het CIS is vorig jaar opgeheven. Hilberts: “Waar eens een bergweg lag voor criminelen wordt op deze manier door de branche een asfaltweg aangelegd.”

    • Michiel van Nieuwstadt