Twee medailles in kleine roeinummers

GAINESVILLE, 29 JULI. De roeiers Pepijn Aardewijn en Maarten van der Linden verlosten Nederland gisteren van het trauma dat brons heette. In de ochtend, even na tien uur, roeiden ze op Lake Lanier bij Gainesville in de lichte dubbeltwee als tweede over de streep. Na ruim een week Olympische Spelen waren ze de eerste twee Nederlanders die zilver wonnen, na een reeks van zeven keer brons.

Irene Eijs en Eeke van Nes werden zaterdag derde in de dubbeltwee en behaalden brons. In drie andere finales eindigde de Nederlandse vrouwenploegen teleurstellend als zesde en laatste: de lichte dubbeltwee, de dubbelvier en de vrouwenacht.

“In de derde 500 meter zouden we onze move maken”, zegt Aardewijn, “en dat lukte.” Zwitserland won, Australië pakte brons. Voor hun naaste concurrenten had Aardewijn geen oog. “Je roeit zo hard mogelijk en of je dan eerste tweede of derde wordt, zie je wel als je over de streep bent.” De verwachtingen van de twee roeiers waren niet al te hoog gespannen. “Ik had een beetje gehoopt op brons”, geeft Van der Linden toe.

De weg naar succes, zowel van Aardewijn (26) als Van der Linden (27), was in letterlijke zin een afvalrace. Laxeermiddelen, saunabezoek met als doel vochtverlies en andere maatregelen waren voorafgaand aan grote wedstrijden nodig om het maximaal toegestane gewicht te bereiken. Samen mogen roeiers in de lichte dubbeltwee 140 kilo wegen. Onderling hebben ze de verdeling 68,5 kilo (Van der Linden) en 71,5 kilo (Aardewijn) gemaakt. Enkele uren voor de finale waren ze al op gewicht, terwijl ze er op dat moment meestal nog enkele onsjes met roeien moeten kwijtraken.

De 34-jarige Engelsman Steve Redgrave heeft als eerste roeier in vier opeenvolgende Olympische Spelen een gouden medaille gewonnen. Zaterdag zegevierde won met ploeggenoot Matthew Pinsent de twee zonder. Redgrave won in '84 goud in de vier met stuurman, in '88 (met Holmes), '92 en '96 in de twee zonder met Pinsent.