Gisteren

Iemand van je werk is plotseling in het ziekenhuis opgenomen en telkens weer bedenk je hoe je, gisteren nog, heel gewoon en gezellig met hem hebt zitten praten.

Ook anderen halen zulke dingen naar voren: “Hij heeft nog koffie voor me gehaald”; “zei zoiets aardigs over...” Dingen die je anders nooit waren bijgebleven nu sterk vergroot, en keer op keer herhaald. Zo wordt zijn aanwezigheid met vereende krachten een volle dag langer uitgerekt - en gelukkig, het werkt: de ochtend daarop brengt gunstige berichten, en al die uitgedijde uren kunnen weer veilig terugglippen in de standaardherinnering van alledag.

    • Hedda Martens