De natuur getart in jubilerend Flevoland

De provincie Flevoland bestaat tien jaar. Ter gelegenheid daarvan mochten vijf kunstenaars bij een dichtregel van een Nederlandse schrijver een kunstwerk maken. Plaats van installatie: vijf plekken op de dijk.

In de verte komt een oranje traktor langzaam langs de dijk aanrijden. Een doodnormaal beeld op Flevoland. Dichtbij gekomen slaat het voertuig armen uit waaraan lichtblauwe handen bevestigd zijn. Zij maken ronddraaiende bewegingen op de helling, alsof ze de dijk strelen. Toevallige voorbijgangers kijken verbaasd om naar deze aaimachine, met de serieuze boerenzoon achter het stuur. Het dagelijkse tafereel van een traktor op een dijk blijkt ineens niet te zijn wat het lijkt.

Beeldend kunstenaar Peter Baren maakte de lachwekkende dijkstreler. Voor de handen gebruikte hij afgietsels van de handen van arbeiders die de dijk in 1956 hebben gemaakt. De meeste handen aan de machine zijn oud, maar er zijn ook 'jonge' handen van bewoners van Flevoland bij en van bezoekers van het kunsproject, die hun handen in een huisje achter de dijk hebben laten modelleren.

Baren is een van de vijf kunstenaars die het provinciebestuur van Flevoland heeft uitgenodigd om ter gelegenheid van het tienjarig bestaan van de provincie iets te maken voor het kunstproject Dijkwacht. Dijkwacht eert de nieuwste polder van Nederland met vier gedenkstenen op de vier laatste sluitplaatsen van de dijken. Op de stenen zijn gedichten van Jan Wolkers, Marga Minco, Remco Campert en Ed Hoornik gegraveerd. De teksten zijn tegen weer en wind bestand, de beeldende kunstwerken ernaast zijn tijdelijk.

De aaimachine van Baren rijdt heen en weer bij de steen van Jan Wolkers bij Lelystad. Marcel van Campen en Eleni Tzatzalos hebben een installatie neergezet bij de gedenksteen van Marga Minco bij Zeewolde en het werk van Erick de Lyon is te zien in Schokkerhaven, waar in augustus de steen met tekst van Remco Campert wordt geplaatst. Annet Bult maakte een 'seedprinting' vlakbij Urk, waar in september de steen met een dichtregel van Ed Hoornik komt.

“De mensen moeten de elementen trotseren om de kunstwerken te kunnen zien”, zegt Henk Baars, coördinator van Dijkwacht. De sluitpunten liggen inderdaad ver uit elkaar. De bezoeker moeten heel wat wind weerstaan. Volgens Baars is dat precies de bedoeling: “De mensen die de kunst willen zien, leren ook meteen het landschap van Flevoland kennen.”

Overal in het landschap is de hand van de makers zichtbaar: het vlakke land wordt door sloten in gelijke vakken ingedeeld, de bomen in het bos staan in rechte lijnen. Vlakbij Urk staan tientallen windmolens in een lange rij langs de dijk. Zo ver als het oog reikt zwaaien de wieken driftig in het rond.

Hier komt de sluitsteen met de dichtregel van Hoornik. Zijn vers is nu al aanwezig in het landschap. Annet Bult zaaide de dichtregel in juni in het land achter de dijk. Nu waaien de groene halmen zomerkoren en zwarte korenbloemen in de wind. De korenbloemen vormen de tekst, die alleen leesbaar is vanuit de lucht: 'Vergane schepen rusten in mijn koren.' Bult onderstreept met haar zaden de overwinning van de mens op de natuur, waar Flevoland een resultaat van is. De natuur is taal geworden en heeft daardoor niets natuurlijks meer. Het blijkt echter niet mee te vallen om de natuur te domineren. “Drie dagen geleden groeide er door de warmte ineens heel veel onkruid”, zegt Bult. Daarom heeft ze gisteren de hele dag tussen de tarwe en korenbloemen staan wieden. Uiteindelijk is de overmacht van de mens ook maar tijdelijk: de planten gaan dood en de regel van Hoornik zal weer verdwijnen. De natuur gaat toch zijn eigen gang, wat de mensen ook doen.

Het kunstproject Dijkwacht duurt de hele zomer. Informatie is verkrijgbaar bij iedere VVV in Nederland en bij ieder Nederlands museum voor moderne kunst.

    • Simone van der Burg