Atleten verwerken aanslag

Schokkend vonden de Nederlandse sporters in het olympisch dorp de bomexplosie in het Centennial Park. Maar geen hockeyer, volleyballer, wielrenner of atleet die overwoog om Atlanta te verlaten en naar huis te gaan.

“Ik heb niets gemerkt”, zei Ingrid Haringa, zaterdag winnares van het brons op de sprint voor vrouwen, gisteren winnares van het zilver in de puntenkoers. “Ik lag op één oor. Het klinkt misschien egoïstisch, maar ik heb me zaterdagmorgen alleen op de sprint geconcentreerd. Ik had een medaillekans. Die liet ik me niet afnemen. Ik heb daarvoor zoveel moeten geven.”

Haringa hoorde het nieuws om acht uur 's ochtends tijdens het ontbijt van bondscoach Peter Nieuwenhuizen. “Ik schrok ervan, maar heb het snel van me afgezet. Er lagen nog twee belangrijke dagen voor mij in het verschiet. Pas thuis als misschien alles duidelijk is, zal ik me het trieste ervan kunnen realiseren.”

Baanrenner Dirk-Jan van Hameren was geschrokken. “De veiligheid is absoluut een farce. In mijn ogen is een evenement als dit niet te beveiligen. Een voorbeeld: president Clinton was twee dagen geleden bij het zwemmen en verliet via het olympisch dorp het zwemstadion. Hij liep op pakweg 50 meter langs ons heen. Als een of andere gek een pistool over het hek gooit, schiet je die man zo dood.”

Volleyballer Peter Blangé vernam het nieuws op de televisiezender CNN. “Schokkend. Wie haalt er nou zoiets in zijn hoofd? Het heeft geen zak met de sport te maken.” De spelverdeler merkte wel dat de veiligheid verscherpt was in het dorp. “Er hangen meer helikopters in de lucht. Er lopen meer linke loetjes rond, meer wachtposten.”

Veel invloed op de volleybalploeg heeft de aanslag niet. “We hebben ons eigen kringetje. Een sporter heeft vaak oogkleppen op, sluit zich af voor de wereld. Ik sta in mijn laatste grote toernooi. Het is toch al moeilijk je te concentreren. We gaan de tweede week in. Het aantal feestvierders zal toenemen. Ik had liever in een goed hotel gezeten.”

Bondscoach Tom van 't Hek van de hockeyvrouwen werd door Hans Jorritsma ingelicht. “Onze wedstrijd begon met drie kwartier vertraging. Ook kregen we het advies zoveel mogelijk in het dorp te blijven. Het is verschrikkelijk voor de nabestaanden van de slachtoffers, maar we proberen ons er van af te sluiten.” Aanvoerster Wietske de Ruiter vond dat haar coach goed met het nieuws was omgegaan. “Hij zwijgt het nieuws niet dood. Het is beter dat we er over praten.” (ANP)