Oranje

MATTY VERKAMMAN & HENK MEES: Het Nederlands Elftal. De historie van Oranje, 1989-1995

127 blz., geïll., Luitingh-Sijthoff 1996, ƒ 45,-

Zou nog iemand zo'n oranje balletje aan de antenne van z'n auto hebben? Zou iemand z'n hond nog uitdossen met een oranje bandana, een slabbetje voor kwijlende voetbalfans? En zou iemand zonder schaamte kunnen terugdenken aan de oranje geverfde gevel, de vergeefs opgenomen vakantiedagen, de clichés der sportjournalisten en de nog niet afbetaalde breedbeeldtelevisie?

Het is een klein wonder dat ons land zich om de paar jaar overgeeft aan een steeds lustelozer wordende oranjekoorts. Een veel groter wonder is dat het Nederlands voetbalelftal af en toe een wedstrijd weet te winnen.

Wie denkt dat het dieptepunt van wanorde, zelfoverschatting, verstrengelde belangen, praatzieke spelers, tactische blunders, speltechnische onvolkomenheden en quasi-intellectuele bemoeizucht van ijdele scribenten tijdens het Europese Kampioenschap in Engeland werd bereikt, doet er goed aan het zojuist verschenen werk Het Nederlands Elftal. De historie van Oranje, 1989-1995 te raadplegen. Deze uitgave is het logische vervolg op Het Nederlands Elftal. De historie van Oranje, 1905-1989, het jubileumboek voor de honderdjarige KNVB dat zojuist werd herdrukt. Het nieuwe deel behandelt niet alleen de struikelende aanloop naar het mislukte Europese Kampioenschap 1996, maar ook de lachwekkende perikelen die zich afspeelden tijdens het Wereldkampioenschap 1990 in Italië onder interim-bondscoach Leo Beenhakker, de weinig verheffende toestanden rond het EK te Zweden in 1992 waar Oranje onder Michels werd weggespeeld door de Denen, en de zouteloze vertoning op het WK in Amerika waar Dick Advocaat na onduidelijke machinaties het roer in handen kreeg in plaats van beoogd bondscoach Johan Cruijff.

Hoewel Het Nederlands Elftal 'mede mogelijk werd gemaakt dankzij een financiële bijdrage van de KNVB' is het boek weinig minder dan een staalkaart van organisatorisch en sportief wanbeheer van opeenvolgende bondsbesturen.

Gelukkig hebben voetballiefhebbers een kort geheugen. Anders zou menig grappig voorval het blazoen van de KNVB blijvend kunnen beschadigen. Neem bijvoorbeeld de 'stemming' in maart 1990 in het Hilton Hotel op Schiphol toen de spelers zich moesten uitspreken over de door hen geminachte bondscoach Thijs Libregts om zo de KNVB juridische munitie te geven in de onvermijdelijk geachte rechtzaak. Libregts werd trouwens door het bestuur van die bijeenkomst geweerd - terwijl hem weken eerder al in het geheim afkoopsommen waren geboden.

Of neem de bizarre ruzie tussen Michels en Gullit ('ik heb een vriend verloren') over het huishoudelijk regelement tijdens het WK in 1990. Of neem de zonderlinge situatie dat de KNVB-bestuurders zich tijdens datzelfde WK in de VS lieten kleden door het bedrijf van journalist Jack van Gelder.

Dit werk - helaas als middelmatig coffeetable book geproduceerd - biedt alle wetenswaardige weetjes die het leven de moeite waard maken (zoals het feit dat op 20 december 1989 Martin Laamers, Ron Reekers, Bart Latuheru en Frank Berghuis speelden in het Nederlands Elftal dat tegen Brazilië met 0-1 verloor).

Maar daarnaast biedt het een opmerkelijke hoeveelheid giftige informatie en suggesties - over het gekonkel jegens Cruijff door Rinus Michels (bepaald geen favoriet van de auteurs); over het bijna wegsturen van Gaston Taument op het WK in 1990; over de sabotage van Van Basten tegen Leo Beenhakker; over het valsspelen van John de Wolf tijdens het kaarten waardoor Feyenoord-collega Rob Witsche veel geld verloor en de Wolf werd geweerd uit de selectie; over het wheelen & dealen der bondsbestuurders.

Dat alles is weliswaar geen onbekende kost voor wie de vakbladen zoals Voetbal International volgt, maar zo bijeen gezet rijst een sombermakend beeld op van ongeneeslijke chaos, verblinding en zucht tot zelfbevrediging. In zekere zin is dat geen wonder bij een sportbond die meer vreugde schijnt te scheppen in een sponsorcontract van 70 miljoen gulden dan in goed voetbal.

    • Bastiaan Bommeljé