Motoren van geëxplodeerde 747 gevonden

WASHINGTON, 27 JULI. Met behulp van onderwater camera's zijn gisteren twee motoren gevonden van de Boeing 747 die op 17 juli boven de Atlantische Oceaan explodeerde, kort na vertrek uit New York.

De Amerikaanse autoriteiten toonden zich verheugd over deze “uitzonderlijk belangrijke” vondst en hopen dat onderzoek van de motoren meer licht kan werpen op de oorzaak van de ramp.

Van de 230 slachtoffers waren er gisteren 138 geborgen. Duikers blijven zoeken naar stoffelijke overschotten, tussen de wrakstukken en de vele elektriciteitsdraden op de zeebodem.

De twee motoren, die elk drie tot vier ton wegen, zijn niet meteen geborgen. Gezien het enorme gewicht zal dat een bewerkelijke onderneming zijn. Voorlopig heeft het bergen van slachtoffers en andere resten van het vliegtuig voorrang. Videocamera's die gemonteerd zijn op kleine, op afstand bestuurde wagentjes zullen eerst nadere opnamen van de motoren maken, om het optakelen te kunnen voorbereiden.

De directeur van de FBI, Louis Freeh, heeft zich gisteren in East Moriches, het plaatsje op Long Island van waaruit de bergingswerkzaamheden plaatsvinden, persoonlijk op de hoogte gesteld van de voortgang van het onderzoek. In het laboratorium van de Nationale Raad voor Veilig Transport in Washington worden nog steeds de twee “zwarte dozen” onderzocht.

Uit de eerste analyse bleek eerder deze week dat de recorder met de stemmen in de cockpit en de recorder met de vluchtgegevens allebei, iets meer dan elf minuten na het vertrek uit New York, plotseling werden afgebroken. Op de zogeheten voice recorder was vlak voor dat moment een fractie van een seconde een geluid te horen. Onderzoekers vergelijken dat geluid nu met de band uit de Boeing van PanAm die in 1988 boven het Schotse plaatsje Lockerbie neerstortte ten gevolge van een bom. Ook maken ze een nauwkeurige analyse van het geluid, door de verschillen in geluidssterkte en het preciese moment van het geluid te vergelijken zoals het door de vier microfoons in de cockpit is geregistreerd.

De recorder met de vluchtgegevens, waarop onder meer snelheid van het toestel, hoogte, koers en positie van de vleugel- en staartkleppen zijn vastgelegd, is door het zeewater enigszins beschadigd. Toch verwachten onderzoekers dat alle gegevens, ook die van het cruciale laatste moment, ontcijferd kunnen worden.