Jongmans naar halve finale; Fredericks maakt indruk op 100 meter

ATLANTA, 27 JULI. Michael Johnson liep op gouden spikes en twee sprinters bleven in de series op de 100 meter al onder de tien seconden. Voor veel Amerikanen zijn de Olympische Spelen nu pas begonnen. “Finally, it's time to run”, zei Johnson, de beoogde ster van de olympische atletiek.

Het was al druk in Atlanta, maar door de atletiek is het nu nog drukker geworden. Tot twee keer toe, voor de ochtend- en avondsessie, liep het Olympisch Stadion vol met 80.000 toeschouwers. En dat terwijl er op de eerste atletiekdag voornamelijk series werden gelopen en kwalificaties werden gegooid en gesprongen. Maar dat kon de mensen niets schelen. Ze juichten hun landgenoten hartstochtelijk toe. Alsof ze al goud hadden gewonnen.

Michael Johnson droeg tijdens de 400-meterserie afzichtelijke spikes. Hij wilde wel eens een andere kleur dan paars proberen, zei hij na afloop. En waarom dan niet goud? Johnson won zijn serie niet. Hij hield vlak voor de finish in en werd nog voorbijgelopen door een onbekende atleet, de Srilankees Robosinghe Arachchige Sugath Thilakaratne. Johnson haalde zijn schouders op en gaf toe dat hij nog niet eerder van hem had gehoord.

Wel al heel snel waren de mannen op de 100 meter. Frankie Fredericks (9,93) en Ato Boldon (9,95) liepen al in de serie onder de tien seconden. “In de finale zal er honderd procent zeker een wereldrecord worden gelopen”, wist Boldon te vertellen. Hij verwacht dat er vanavond twee atleten onder 9,80 zullen lopen. Wie? Boldon: “Ik en nog iemand.”

Hij weet dat hij nog harder kan, “Ik moet wennen aan deze baan. Het is geen gewone baan. Anderen hebben er al vijf, zes keer opgelopen, ik nu pas twee keer.” Boldon, winnaar van de eerste serie, keek via de televisie naar de race van concurrent Fredericks. Hij voorspelde een tijd van 10,02. Het bleek 9,93 te zijn. “Oeps”, reageerde Boldon. “Zie je hoe hard het hier kan gaan!”

Of hij nu zenuwachtig is geworden van Fredericks? Boldon schaterde het uit. “Welnee, Frankie loopt al het hele jaar zo hard. Maar het gaat om één race, de olympische finale. Die kan iedereen winnen. Frankie, ik, Bailey, Christie, Mitchell.” De andere favorieten gaven na hun series geen commentaar. Alleen wereldkampioen Donovan Bailey wilde nog wel wat zeggen. “I am ready, man.”

Michael Johnson gaf na zijn 400 meter zelfs een persconferentie. De meeste belangstelling is voor hem en dat stoort de sprinters. Boldon: “Michael zegt dat hij de snelste man ter wereld is. Dat is onzin. Hij is misschien de fitste. Maar de snelste is de winnaar van de olympische 100 meter. Als Johnson de snelste wil zijn, moet hij de 100 meter gaan lopen en onder de 9,85 blijven.”

Door de vochtigheidsgraad in het stadion waren de omstandigheden zwaar voor de deelnemers. Na de series van de 800 meter voor vrouwen moesten er verscheidene atletes worden weggedragen omdat ze bevangen waren door de hitte. Stella Jongmans, de enige Nederlandse die op de eerste atletiekdag in actie kwam, had er geen last van gehad. Ze had het ervaren als “een broeierige zomeravond in Nederland”. Jongmans won in de vierde serie de felle sprint om de tweede plaats van de Amerikaanse Clark en plaatste zich met een tijd van 2.00,26 voor de halve finale.

Ook de Surinaamse Leatitia Vriesde, woonachtig in Rotterdam, kwam verder. Zij werd in haar serie tweede in 1.59,71. Vriesde had op de baan niets van de warmte gemerkt, maar kreeg het na afloop wel even benauwd. “Ach, ik heb het overleefd”, zei ze laconiek.

Grote afwezige op de 800 meter was natuurlijk de geblesseerde titelhouder Ellen van Langen. Zij zat wel op de tribune en zag voordat de series begonnen op het grote scherm in het stadion beelden van haar race in Barcelona. De verwachting is dat Maria Mutola uit Mozambique het olympische goud van Van Langen zal overnemen, maar zij zal veel tegenstand krijgen van de Cubaanse Quirot, de Britse Holmes en de Française Djate.

    • Hans Klippus