De hoogste verleidingskunst

Etalages die je stil doen staan worden steeds zeldzamer. En als ik er onverhoeds een tegenkom, staat er bijna niets in. Eén schoen, zoals ik in een etalage in Florence heb gezien. Een zwarte damesschoen met een halfhoge hak die aan de achterkant bijna recht naar beneden liep. Ook de neus was volmaakt.

De aristocratische schoonheid stond sterk en zelfbewust op een zwart-wit betegelde, kubusachtige sokkel en verder was de etalage leeg. Door een wit achterdoek schemerde, nauwelijks zichtbaar, het interieur van de schoenwinkel dat er door zijn eenvoud zeer aanlokkelijk uitzag. Voor ik het wist stond ik binnen. De kunst van het verleiden was hier met minimale middelen tot grote hoogte gebracht.

In de harteloze winkelpromenades die nu tot ver in alle oude binnensteden zijn doorgedrongen, is het individuele uitstalraam genadeloos vermoord door de doorsnee etalagedictatuur. Zonder individualiteit van het winkelpand is een aanlokkelijke, met zorg en liefde ontworpen etalage hoogst uitzonderlijk. In Amsterdam is het bewijs van de kracht van de eenling treffend te zien op het Rokin bij de winkel van de modeontwerpers Puck en Hans. Het is een van de zeldzame plekken waar nog de ware kunst van het etalage maken wordt beoefend. Op een klein, vaak langzaam ronddraaiend podium voor het winkelraam poseren etalagepoppen in zorgvuldig bestudeerde houdingen en in uitdagende kledingstukken. Dat is niks bijzonders, zal de lezer zeggen, maar dan ben ik nog niet duidelijk genoeg.

De poppen zijn dermate aantrekkelijk en ongewoon levensecht dat zij het niet verdienen om poppen te worden genoemd. Zij staan vaak bijna tegen elkaar, maar raken elkaar nooit aan. De kleding die zij dragen, en soms ook grotendeels niet dragen, is altijd een erotisch getinte parodie op de gewaagdste, libertijnse mode.

De begeerlijke jonge vrouwen - op het ogenblik is onder hen ook het ravissante, blonde topmodel Karin Mulder - zijn zichtbaar onafhankelijk en vrijmoedig, maar nooit platvloers als je ze, bij wijze van spreken, hoort praten.

De etalage van Puck en Hans is al jaren de opwindendste etalage van de hoofdstad met één negatief punt: de show staat te lang. Als regelmatige voorbijganger verlang ik na zo'n twee weken weer hartstochtelijk naar een nieuwe scène, maar door tijdgebrek van de ontwerpers die de etalage natuurlijk niet uit handen geven - ik heb het binnen even gevraagd - duurt het soms wel anderhalve maand voordat ik door een nieuwe voorstelling weer staande word gehouden.

Niet alleen door de winkelpromenades is de liefhebber van de exquise etalage geweldig gedupeerd geraakt, ook door de uitverkoop. De hoogste vorm van creativiteit waarmee de uitverkoop wordt aangekondigd is een in pakpapier gehulde paspop. En aangezien de uitverkoop bij veel zaken het hele jaar voortduurt is de etalagecultuur, vooral bij de winkelketens, volslagen weggevaagd.

Er is één verschijnsel dat zich enigszins verzet tegen deze droefgeestige, door de onbeperkte commercie ingegeven ontwikkeling. Dat zijn de kapperszaken.

Deze vestigen zich graag in reusachtige etalages en stellen aan het interieur daarvan doorgaans hoge eisen. Het is weliswaar een ambivalente compensatie voor de etalageliefhebber, want het is nog steeds geen bon ton om ongeneerd voor het raam naar de verrichtingen van jonge kapsters te gaan staan kijken. Zeker voor volwassen mannen zal dit altijd een steelse onderneming blijven.

En de steelse blik is juist zo volkomen tegennatuurlijk in verband met de etalage. Die is ontworpen om er voluit naar te kijken, zolang als je wilt en met wijde ogen van begeerte.

    • Max van Rooy