Hutu-president vervangen door Tutsi; Leger van Burundi pleegt staatsgreep

BUJUMBURA, 26 JULI. Het leger in Burundi heeft gisteren een staatsgreep gepleegd. De militairen zetten de Hutu-president Sylvestre Ntibantunganya af en vervingen hem door de gematigde Tutsi Pierre Buyoya.

Buyoya was al eerder president van Burundi, van 1987 tot 1993.

Enkele ministers van de afgezette regering hebben hun toevlucht gezocht in Westerse ambassades in Bujumbura. Een woordvoerder van de Amerikaanse ambassade, waar Ntibantunganya dinsdagavond al een veilig heenkomen zocht, liet vanmorgen weten dat de president nog niet is afgetreden. Washington stuurt op korte termijn een gezant naar de regio voor overleg.

De staatsgreep lijkt vooralsnog zonder bloedvergieten te zijn verlopen, hoewel in een aantal buitenwijken van Bujumbura geweervuur werd gehoord.

Het vliegveld van Bujumbura is inmiddels gesloten en ook de grenzen zijn dicht. Aan het einde van de middag waren de straten goeddeels verlaten. Er is een uitgaansverbod ingesteld, dat om zeven uur 's avonds van kracht werd. Vanmorgen leek het leven in de stad zijn normale loop te hervatten. Wel was sprake van een verhoogde aanwezigheid van het leger.

De Burundische minister van Defensie, Firmin Sinzoyiheba, die de staatsgreep aankondigde, zei in een toespraak op de radio: “Omdat president Ntibantunganya in feite was afgetreden, wegens de genocide in het land en omdat de politici geen oplossingen konden vinden, heeft het leger besloten nieuwe matregelen te treffen.”

Het leger heeft het parlement inmiddels ontbonden en politieke partijen, demonstraties en stakingen verboden.

Door de vlucht van Ntibantunganya naar de Amerikaanse ambassade ontstond een machtsvacuüm, waarvan de militairen snel gebruik hebben gemaakt. Al maandenlang werkten het door Tutsi's gedomineerde leger en Tutsi-extremisten aan de ondermijning van de positie van de president. De militairen volgden de bevelen van de president niet op en traden hard op tegen Hutu's.

Het bloedbad onder ontheemde Tutsi's, zaterdag, in het kamp Bugendana, dat tot grote woede in de Tutsi-gemeenschap leidde, was de laatste spijker aan Ntibantunganya's doodskist.

Julius Nyerere, voormalig president van Tanzania en bemiddelaar in het Burundische conflict, deed gisteren een oproep aan de internationale gemeenschap om het nieuwe regime niet te erkennen. Nyerere zei te vrezen voor het leven van Ntibantunganya.

Nyerere zei verder nog steeds voorstander te zijn van een buitenlandse militaire interventie, zoals vorige maand afgesproken op een regionale topconferentie in de Tanzaniaanse stad Arusha.

De internationale gemeenschap heeft afwijzend gereageerd op de staatsgreep door het Burundische leger. De regering van Burundi's buurland Rwanda heeft nog geen officiële reactie gegeven. De coup werd gisteren door de Rwandese radio bekendgemaakt, zonder verder commentaar.