BZ: zwaar weer voor tankdeal

DEN HAAG, 26 JULI. Als de Duitsers zich blijven verzetten tegen de levering van vijftig Nederlandse Leopard 1 tanks aan Botswana gaat de koop niet door. Aanvankelijk hoopte Buitenlandse Zaken alsnog tot overeenstemming te komen door te onderhandelen over de juridische interpretatie van de afspraken, die door Nederland bij de koop van de tanks uit Duitsland in 1968 waren vastgelegd.

Maar nu de Duitse minister van buitenlandse zaken Kinkel zich maandag zo krachtig in het openbaar in Gabarone heeft verzet tegen de verkoop denken ambtenaren op Buitenlandse Zaken dat het steeds moeilijker zal worden om Bonn nog te overtuigen.

Den Haag verschilt van mening met Bonn over de juridische interpretatie van een clausule over de koop van de tanks eind jaren zestig. In het contract met Duitsland staat niets over verkoop maar in een briefwisseling tussen de toenmalige minister van Defensie Den Toom en zijn Duitse collega wordt gesproken over het verlenen van toestemming bij verkoop van de Duitse tanks aan een niet NAVO-land.

Een groter verschil van interpretatie tussen Den Haag en Bonn bestaat over de veiligheidssituatie in zuidelijk Afrika. Nederland geeft hoog op van het democratische gehalte van het bestuur in Botswana en heeft veel respect voor VN-optredens van het leger van Botswana in Mozambique en Somalië. Nu het grensgeschil tussen Namibië en Botswana sinds mei voorligt bij het Internationale Hof in Den Haag is dat ook geen negatieve factor meer voor Den Haag bij de beoordeling van die veiligheidssituatie. Bonn ziet meer spanningen in de regio en met name het pleidooi dat de president van Namibië Nujoma kort geleden in Bonn heeft gehouden tegen de levering heeft het Duitse verzet tegen de verkoop gestaafd.

In oktober heeft Defensie Economische Zaken een exportvergunning gevraagd voor de overtollige tanks. Zoals gebruikelijk vroeg EZ advies van Buitenlandse Zaken. Dit departement oordeelde dat de veiligheidssituatie de levering van 50 tanks aan Botswana toestond. “De spanningen ter plekke waren niet disproportioneel”, zegt een ambtenaar op BZ. Eind van het jaar werd het verkoopcontract gesloten nadat er ook vragen in de Tweede Kamer waren geweest over de verkoop.

Op 16 januari deed de Duitse militaire attaché in Den Haag navraag over de verkoop, die Bonn uit de media vernam. Noch Defensie noch Buitenlandse Zaken waren op het moment van de verkoop op de hoogte van de briefwisseling van Den Toom. De Duitsers haalden die in januari uit het archief en minister Van Mierlo en zijn Duitse collega Kinkel voerden en marge van de Europese raden overleg over de verkoop. Duitse en Nederlandse ambtenaren bogen zich over de briefwisseling en Nederland dacht dat de koop alsnog door zou kunnen gaan door de juridische interpretatie van de brieven ter discussie te stellen.

Na het bezoek van de Namibische president Nujoma aan de voormalige koloniale heerser in zijn land heeft ook bondskanselier Kohl zich met de zaak bemoeid en heeft hij premier Kok ingelicht over het Duitse standpunt. Maandag zocht minister Kinkel de openbaarheid terwijl er nog ambtelijk overleg met de Duitsers gaande was. Buitenlandse Zaken wil nu opheldering over de verharding van het Duitse standpunt. Gezegd wordt dat Kinkel de openbaarheid heeft gekozen omdat hij zich als FDP-minister zou willen profileren.

Minister Pronk die met president Nujoma in mei nog over de verkoop van tanks heeft gesproken wil niet reageren op de aantijging dat hij Nujoma vlak voor diens vertrek naar Bonn zou hebben gewezen op de clausule waardoor Duitsland de verkoop zou kunnen ophouden. Pronk is op werkbezoek in Jemen. Nu over het gesprek tussen Nujoma en Pronk Kamervragen zijn gesteld zal de minister die eerst beantwoorden als hij terug is in Nederland, voordat hij weer vertrekt naar Nepal en India.