Over Het IJ Festival biedt hemelbestormend spektakel zonder woorden; Toneel tussen water en brokken asfalt

Het Over Het IJ Festival in Amsterdam trekt elke zomer vele duizenden bezoekers. Gezelschappen uit binnen- en buitenland spelen er theatervoorstellingen tegen een machtig en onverbiddelijk decor van scheepskranen.

Over Het IJ Festival, Amsterdam t/m 31/8. Inl 020-6361083. Cirque Interieur, aanvang 22u; Drift, première 25/7, aanvang 22u30; Odyssey, première 1/8, aanvang: 21u.

AMSTERDAM, 25 JULI. Zelden biedt Amsterdam een mooiere aanblik dan gezien vanaf de overkant van het IJ, bij de voormalige scheepswerf NDSM, de Nederlandsche Dok en Scheepsbouw Maatschappij. Robuuste kranen, een scheepshelling, metershoge loodsen waarin duiven nestelen, scheepsrompen en brokken basalt. Verderop boten over het water. Daarachter de overkapping van het Centraal Station en de torens van de stad.

In deze omgeving en met dit uitzicht speelt zich sinds 1992 tijdens de zomermaanden een theaterfestijn af dat Over Het IJ Festival heet. Sinds het begin van de jaren tachtig liggen de werf en de loodsen er verlaten bij; zeventig jaar eerder werden ze gebouwd, tegelijk met Tuindorp Oostzaan waar de arbeiders woonden.

De straten zijn genoemd naar de boten die er te water gingen. Zo verwijst tt. Neveritastraat naar de turbotanker van die naam en de ms. Van Riemsdijkweg naar het gelijknamige motorschip. Voor veel Amsterdammers is Noord een uithoek waar niemand de weg weet. Toch is het festivalterrein eenvoudig te vinden en ligt het dichter bij het Centraal Station dan bijvoorbeeld het Shaffy Theater: vanaf het IJveer volgen we de borden Noord 1 t/m 4. Onze tocht eindigt bij Noord 1, daar gaan we linksaf. Er staan trouwens borden.

Op de scheepshelling speelde de Dogtroep, een gezelschap afkomstig uit Noord, in de zomers van 1994 en 1995 de legendarische voorstelling Noordwesterwals. Zo'n vijftienhonderd bezoekers per avond waren getuige van vuurwerk, waterballet, aan technische installaties zwevende figuren, alles in grootse, veelomvattende stijl. Programmeur Henk Schoute, die tussen 1987 en 1990 het Cleyntheater, ook in Noord beheerde, ontdekte op een winterdag deze plek als de ideale locatie voor een theatervoorstelling.

Toch is wat hier gebeurt niet te vergelijken met het esthetisch ingestelde bewegingstheater dat BEWTH maakt of wat Hollandia uit Zaandam doet. Van het eerste gezelschap verschillen de voorstellingen op de IJ Podia omdat ze rauwer en monumentaler zijn; Hollandia brengt tekstoneel, en dat gebeurt in Noord niet.

Henk Schoute ziet in de voorstellingen een duidelijke artistieke verwantschap: “Het is theater zonder woorden. Alle zeggingskracht ontlenen de gezelschappen aan elementaire zaken als het water, het vuur, de zonsondergang die het tijdsverloop symboliseert en de samenballing van een prachtige industriële erfenis die dank zij het Over Het IJ Festival voorlopig nog voor sloop behouden blijft. De voorstellingen passen nooit in reguliere theaters. Hier speelt alles een rol, van passerende schepen tot de weersomstandigheden.

“In de vorige zomer wisten zo'n kleine veertigduizend bezoekers de weg naar de IJ Podia te vinden. Volgens mij bevinden zich daaronder mensen die nooit eerder een schouwburg bezochten. Het was een bijzondere ervaring op een avond Turkse families aan te treffen en ook Japanse toeristen. De helft van de bezoekers komt uit Amsterdam en uit Noord, voor de rest uit heel Nederland. Feitelijk zijn we een landelijk festival. Ons publiek bestaat niet uit passanten, elke bezoeker is betalend en heeft bewust de keuze voor het IJ Festival gemaakt. Daarin zijn we weer anders van veel zomerfestivals, die voor elke toevallige voorbijganger toegankelijk zijn.”

Elke voorstelling aan gene zijde van het IJ voldoet aan twee criteria: enerzijds moeten ze een breed publiek aanspreken, anderzijds dient de kwaliteit hoog te zijn. Vorig jaar wilde het Franse gezelschap Tout Fou To Fly langskomen dat altijd optreedt in tenten. Ze moesten die tent maar thuislaten en op ontdekkingsreis gaan op de werf en alle plekken daaromheen. Ze vonden onderdak in de loods, evenals Cloud Chamber dat daar nu de voorstelling Cirque Interieur brengt.

De combinatie circus, dans en theater is essentieel voor het IJ Festival. Wat er te zien is, is geen theater van 'het ene clubje voor het andere', dat volgens Schoute het Nederlandse toneel zoveel schade berokkent. Evenmin richt hij zich op de elite, die toch al in de winter de schouwburgen bezoekt. Hij herinnert zich het theaterfestival van Polverigi in Italië, dat zich afspeelt op een heuvel. Hekken eromheen. De bewoners van het stadje zagen niets van de voorstellingen, zij konden moeizaam de dure kaartjes bemachtigen of anders was alles volgeboekt voor de incrowd uit binnen- en buitenland.

De ruimte roept bij veel mensen hemelbestormende fantasieën op. Ad Visser zou er het liefst grootse popconcerten geven en Louis Andriessen componeert de muziek voor Odyssey, een choreografie van Beppie Blankert waarin tijdens zonsondergang het liefdesverhaal van Odysseus zowel wordt gedanst als a capella gezongen. Electronische muziek weerklinkt onder de avondhemel.

Het gezelschap Vis à Vis uit 's-Hertogenbosch brengt deze week de productie Drift uit. Het decor staat al klaar, pal aan het IJ. In een reusachtig bassin is zo'n driehonderdduizend liter water gepompt. Dat moet ook, de voorstelling gaat over een waterramp. De personages proberen in en rondom het water te overleven, zich vastklampend aan de brokstukken van een neergestort vliegtuig. Zittend in het water drinken ze wijn. Vis à Vis maakte ooit furore met de voorstelling Topolino waarin de beroemde Fiatjes 500 de hoofdrol speelden.

Zowel Dogtroep, Cloud Chamber als Vis à Vis zijn buiten Nederland, tot zelfs in Australië, bekend. Natuurlijk, dat komt omdat er geen enkele taalbarrière bestaat. Het heeft ook te maken met de twee factoren die het IJ Festival bepalen: zomer en nieuwsgierigheid. Niemand wil 's zomers in een bedompt theater zitten. Nieuwsgierig zijn de toeschouwers niet alleen naar de voorstellingen, ook naar de plek. Het is een intrigerend gegeven dat toneelbezoekers weten hoe een scheepswerf, een fabriekshal of autosloperij (waar Hollandia voorstellingen uitbrengt) er vanbinnen uitzien juist dankzij het theater. Dat zijn ogenschijnlijk werelden die mijlenver van elkaar afliggen.

Volgens Henk Schoute komen de eerste bezoekers vaak al rond een uur of acht, terwijl de voorstellingen pas tegen tien uur of nog later beginnen. De mensen kijken rond. Verbazen zich over een omgeving van de scheepsbouw die ze nooit eerder zagen: “Dus vanaf die helling gingen schepen te water, een fles champagne uiteenspattend tegen de boeg...”

    • Kester Freriks