Conclusie over nalatigheid CRI weg uit rapport

DEN HAAG, 25 JULI. Een cruciale conclusie van de rijksrecherche over de nalatige rol die de CRI heeft gespeeld bij het drugsschandaal van de Haarlemse politie, blijkt verdwenen uit het openbare rapport over deze zaak.

Het gaat om een passage in het oorspronkelijke geheime stuk, waarin de rijksrecherche vaststelt dat niet alleen de Haarlemse politie en justitie, maar ook de onder het ministerie van Justitie vallende Centrale Recherche-Informatiedienst verantwoordelijk zijn voor de uit de hand gelopen Haarlemse drugsonderzoeken.

De CRI beschikte al in mei 1993 - ruim een half jaar voor het uitbreken van de IRT-affaire - over alarmerende informatie over de financiële relatie tussen de Haarlemse rechercheurs Langendoen & Van Vondel en een limonadeproducent. Deze zogenoemde 'sapman' was informant voor drugsonderzoeken en zette later met de politie een drugstransportlijn naar Zuid-Amerika op. De CRI verzuimde deze informatie te checken bij de politieleiding in Haarlem, die op dat moment geen wetenschap had van de connecties van haar rechercheurs met de sapman.

In de geheime versie waarin de rijksrecherche deze samenwerking gedetailleerd beschrijft staat daarover dat het “enige verbazing wekt dat een registrerend orgaan als de CRI geen navraag heeft gedaan bij de korpsleiding in Haarlem”. In het drie maanden geleden gepubliceerde eindrapport staan geen conclusies over het handelen van de CRI.

De burgemeester en korpsbeheerder van Haarlem, J. Pop, laat desgevraagd weten onmiddellijk schriftelijke opheldering te zullen eisen over deze zaak bij minister Sorgdrager (Justitie). Hij wil weten waarom het oordeel over de CRI niet openbaar is gemaakt. “Het is de zoveelste keer dat blijkt dat de Haarlemse korpsleiding eenzijdig de schuld heeft gekregen”.

Het Tweede Kamerlid H. Hillen (CDA) noemde de gang van zaken vanochtend “dubieus”. Hij vraagt Sorgdrager schriftelijk of ze bereid is het geheime rapport ter kennis van de Tweede Kamer te brengen. “Het achterhouden van informatie werpt een extra licht op de verantwoordelijkheid van de minister voor de ontsporingen in Haarlem”, aldus Hillen.

Uit het onderzoek van de rijksrecherche is gebleken dat Langendoen en Van Vondel buiten medeweten van hun politie- en justitie-superieuren destijds miljoenen guldens drugsgeld investeerden in projecten waarbij de sapman formeel als producent van vruchtensap was betrokken. De CRI raakte daarvan al in mei 1993 op de hoogte, nadat een collega van de sapman bij de douane zijn verbazing uitte over de plotselinge welstand waarin de sapman leefde. Een woordvoerder van het openbaar ministerie zei vanochtend “wegens vakantie van de auteurs niet te kunen verifiëren wat er in concepten heeft gestaan”.