Acht van Chaam is geen criterium meer

CHAAM, 25 JULI. De Acht van Chaam is niet langer het bekendste en grootste criterium van Nederland. Boven de startlijst van de profwielrenners staat tegenwoordig 'Internationale ploegenwedstrijd Elite UCI 1.4'. Elite staat voor het peloton profwielrenners, UCI staat voor Union Internationale du Cyclisme, de internationale wielerbond, en 1.4 geeft de wedstrijdklasse aan.

In een 1.4-koers zijn in totaal 168 UCI-punten te verdelen; de winnaar krijgt er veertig, de nummer tien negen.

Bij wijze van experiment werd in 1994 het criterium vervangen door de internationale ploegenwedstrijd. “Wij wilden onze wedstrijd opkrikken naar het UCI-niveau”, vertelt Ad Coenraads, voorzitter van het Komitee Acht van Chaam. “Dat kon wat ons betreft ook makkelijk, want wij hebben een geschikt stratenparcours. Het is hier in Chaam geen rondje om de kerk, zoals bij de meeste andere criteriums. Ons parcours is ruim acht kilometer lang.”

Van een vergroting van internationaal aanzien, wat de organisatie destijds voor ogen stond, is niet veel terechtgekomen. Er komen geen buitenlandse topcoureurs op het Brabantse dorpje af. Viatcheslav Ekimov uit de ploeg van Jan Raas is de enige deelnemer die hoog in het UCI-klassement van vorig jaar geklasseerd stond (veertiende plaats). Het aantal deelnemers dat niet uit België, Duitsland of Nederland komt is op een hand te tellen. Ook de belangstelling bij het publiek is afgenomen.

In een hoekje van een van de mager gevulde tribunes zit een man van achter in de vijftig. Hij komt al vanaf 1954 naar de Acht van Chaam.

“Het is niet meer wat het geweest is”, klaagt hij. “Er wordt niet meer gereden door de renners. Het is een ploegenspel geworden. Toen het nog een criterium was, zag je altijd een wedstrijd waarin iedere coureur wilde schitteren. Het is minder spectaculair.” Dat is volgens hem de reden dat er minder publiek op de koers is afgekomen. “Vroeger stonden er massa's mensen te juichen. Nu is het een beetje tam allemaal.”

Er staan inderdaad niet veel mensen langs de kant. Een politieagent durft aan het eind van de middag nog geen schatting te doen, maar weet wel dat het er veel minder zijn dan gewoonlijk. Er zijn jaren geweest dat er tussen de dertig- en vijftigduizend mensen naar Chaam kwamen om de 'klassieker onder de criteriums' te bekijken. Pas tegen het einde van de koers, om een uur of zes, stromen de tribunes enigszins vol. Maar echt druk is het niet. De organisatie denkt dat er ruim achtduizend mensen op de been zijn.

Een bejaarde wielerfanaat op de tribune tegenover de jury-bus ziet nog wel een voordeel in de verminderde opkomst. “Je kunt nu tenminste rustig een plaatsje opzoeken.” De man is pessimistisch over de toekomst van de koers. “Ze moeten elk jaar wat nieuws bedenken om mensen te lokken, anders kunnen ze wel inpakken.”

Ad Coenraads is zich daar van bewust. Dit jaar heeft hij het jaarlijkse wielerfestijn uitgebreid met een zogeheten omnium. Dat is een koers over vijftig rondjes van 1 kilometer in het centrum van Chaam. Hierin krijgen de profrenners alsnog een kans om het publiek te vermaken. “Hiermee willen we het criteriumelement terughalen”, legt Coenraads uit. Zoals het hoort, gaan de rondjes om de kerk.

Tijdens de prijsuitreiking laat de voorzitter merken dat hij ook om een andere reden blij is met het omnium. De winnaar van de profwedstrijd is, evenals vorig jaar, een onbekende: de Duitser Mike Weissmann. Publiekslieveling Jeroen Blijlevens eindigde slechts als derde in de eindsprint. “Maar vanavond hoop ik dat je in de herkansing wel de beste bent, Jeroen”, zegt Coenraads, terwijl hij Blijlevens ten onrechte de beker voor de tweede plaats overhandigt. En alsof het afgesproken werk is: Blijlevens wint later op de avond het omnium. “Daar zal wel een beetje show in hebben gezeten, denk je niet”, zegt secretaris Theo van der Westerlaken na afloop.

    • Philip de Witt Wijnen