Pinpassen in Europa

Infographic: Van alle Europeanen hebben Nederlanders de meeste betaalkaarten. Negentig procent van de Nederlanders bezit een PIN-pas waarmee ze geld kunnen opnemen en in winkels kunnen betalen.

Italianen gebruiken liever contant geld waardoor zij gemiddeld met zo'n 135 gulden op zak lopen. Het wantrouwen tegen chartaal geld stamt uit de tijd dat het land te maken had met een hoge inflatie. Dit blijkt uit een onderzoek van Visa International.

Het grote aantal passen in Nederland is te danken aan de banken en de winkeliers. De Nederlandse banken hebben altijd voorop gelopen in de ontwikkeling van de breed geaccepteerde eurocheque. De bij deze cheque horende pas met handtekening is later vervangen door de PIN-pas. De winkeliers hebben het gebruik van alternatieven, zoals de creditcard, geremd vanwege de hogere kosten. Nederland heeft twee soorten PIN-passen en is daarmee uniek in Europa. De giromaatpas van de Postbank en de PIN-pas van de gezamelijke banken gebruiken hetzelfde systeem; toch is gemengd gebruik voor geldopname onmogelijk gemaakt. Twintig procent van de rekeninghouders heeft van beide systemen een betaalpas. Een soortgelijke tweedeling lijkt zich niet te ontwikkelen bij de nieuwe chipkaart voor kleine bedragen, die dit najaar geïntroduceerd wordt. PTT en Postbank ontwikkelen samen de 'chipper' terwijl de gezamelijke banken hun 'chipknip' zullen introduceren. Waarschijnlijk zal de afleesapparatuur zowel de chipper als de chipknip kunnen 'lezen'.

    • Carina de Walle