Toeristen leggen ETA-aanslagen vast voor het plakboek

SALOU, 23 JULI. Het strand van Salou biedt zijn gebruikelijke aanblik. Duizenden vakantiegangers liggen in het gelid op huurbedjes van de zon te genieten. Op het kalme water van de Middellandse zee stuift een met passagiers volgepakte drijfbanaan voorbij die wordt voortgetrokken door een zware waterscooter. Roodverbrande toeristen doen zich te goed aan Sangria.

“Hier gaat alles gewoon door of er niets gebeurd is”, beaamt Eric Rademaker terwijl hij met zijn vrienden onder het zonnescherm aan een biertje nipt. In een bus van de reisorgansatie Solmar is hij afgezakt van het Brabantse Dommelen met het vaste voornemen van een onbezorgde vakantie, ETA-bommen of geen ETA-bommen.

Afgelopen zaterdag hoorde hij de eerste klap. “Nog erger als twee auto's op elkaar”, zo beschrijft hij het geweld van de explosie in een prullenbak in het stadscentrum. Onmiddellijk stroomden de omliggende hotels leeg. Niet zozeer om een goed heenkomen te zoeken, maar eerder om te kijken waar de klap vandaan kwam en deze momenten met camera voor het vakantieboek vast te leggen. Voor Eric en zijn streekgenoten hoeft dat niet zo nodig. “Je hebt hier een heel jaar voor gewerkt en dan verwacht je niet dat ze naast je hotel de boel op komen blazen”, meent Eric beslist.

Wie vanaf Tarragona het iets zuidelijker gelegen Salou en Cambrils aandoet, ziet in een oogopslag hoe dit deel van de Spaanse regio Catalonië zijn geld verdient. Eerst verschijnt de haven, dan het industrieterrein, waar petro-chemische installaties hun overtollige gassen affakkelen. Even verderop steekt het reliëf van een reusachtige achtbaan scherp tegen de hemel af: de hoofdattractie van het thematische avonturenpark Port Aventura dat sinds vorig jaar geldt als een nieuwe trekker voor de stroom toeristen die zich busgewijs en met vliegcharters naar de Spaanse Costa Dorada laat vervoeren.

In Salou is niets aan het toeval overgelaten om het ook de Nederlandse bezoeker naar de zin te maken. De hotelflats, waar het rood-wit-blauw van ettelijke balkons naar beneden wappert, zijn schoon en goedkoop en men spreekt er Nederlands. Ook restaurants hebben hier geen ingewikkelde Spaanse namen, maar heten gewoon “De Lachende Olifant” of “Hollands Eethuis”. Wie wil kan voor een bescheiden bedrag zich dagelijks te buiten gaan aan nasi speciaal, kip met patat en sla of een portie saté.

De toeristen-sector is van vitaal belang voor Spanjes nog altijd hakkelend op gang komende economie. Hoewel het cijfer wellicht geflatteerd wordt, werden er vorig jaar 44 miljoen bezoekers geteld die samen goed waren voor een totale omzet van 3.100 miljard peseta (42 miljard gulden). Reden genoeg voor de Spaanse regering zich ernstig zorgen te maken om de ETA-bommetjes.

Vooral de reactie van de Britse massa-toerist wordt gevreesd, nu de aanslagen van de afgelopen dagen deze groep vakantiegangers relatief het zwaarst trof. Van de 35 mensen die afgelopen zaterdag meest licht gewond raakte bij de bomaanslag op het vliegveld Reus, was het merendeel van Britse herkomst. Op het terras van Bar-restaurant Robin Hood wordt de krant van thuis, ruimschoots verkrijgbaar bij de lokale kiosk, gespeld boven flinke pullen bier. Vuistdikke koppen spreken van Costa bomb-victims en Spanish Holiday Terror. Woede over de gewonden, onder wie Tom O'Mahony van 10 jaar en Tommy Middleton van 13.

Vakantiegangers blijken tot hun eigen verrassing plotseling het middelpunt van wereldnieuws. Terry, een jonge twintiger uit Birmingham, verklaart stoer tegenover zijn vrienden dat hij blijft. “Ik ga niet weg voor een paar van die fucking bombs”, verklaart hij standvastig, terwijl hij zijn baseball-petje achter zijn oren schuift. Wat de ETA ook weer is, vraagt het gezelschap zich af. Iets met een eigen land of zo. “Het lijkt in ieder geval op de IRA”, weet Terry zeker.

Dat de Britse pers traditiegetrouw flink uitpakt over de terreur aan Spanjes vakantiekust, lijkt tot dusver evenwel zonder dramatische gevolgen. Het aantal afboekingen na het bommenweekeinde bleef beperkt. “De Britse toerist kent het terrorisme uit zijn eigen achtertuin en laat zich niet zo makkelijk afschrikken”, aldus een verklaring van een vertegenwoordiger van de tour-operators. Van tourorganisaties uit de andere landen komen vergelijkbare geluiden: ondanks de gebruikelijke komkommerluwte waarin media verkeren en waardoor dankbaar een bom in een toeristenoord wordt 'opgeblazen', lijkt Spanje geslaagd in zijn opzet de paniek te beperken.

Blijft de vraag wat uiteindelijk uit te richten valt tegen het terreur-geweld van de ETA. De Baskische afscheidingsbeweging heeft er de laatste jaren gewoonte van gemaakt met zogenaamde “zomercampagnes” van relatief kleine bommetjes die tevoren worden gemeld, de toeristische trekpleisters van Spanje op stelten te zetten. De Spaanse minister van binnenlandse zaken Jaime Mayor Oreja - zelf van Baskische origine - vroeg deze week de hoteldirecties hun gebouwen goed te controleren.

Dat zoiets zijn vruchten af kan werpen bleek afgelopen zondag, toen het het personeel van hotel Delfín Park in Salou tijdens een routine-controle een bom in de wasruimte aantrof. “Ons eigen personeel verricht dit soort controles al jaren in samenspraak met de Guardia Civil”, verklaart hotel-directrice van Delfín Park, Annemiek Vonk, die al meer dan twintig jaar aan de Spaanse Costa Dorada werkzaam is. “De politie doet het ook zelf wel met van die herdershonden. Zelf heb ik daar geen moeite mee, maar sommige gasten vinden dat niet zo prettig”. Salou werd vorig jaar voor het eerst getroffen door ETA-aanslagen. Een gevolg van het openen van het nabij gelegen avonturenpark Port Aventura vermoedt Vonk.

Van eigen zijde kondigde de Spaanse regering een grotere inzet van politie-agenten rond de kustgebieden aan, boven de extra-patrouilles die reeds in verband met de zomercampagnes van de ETA worden uitgevoerd. Afgezien van de hotelbewakers is daar vooralsnog weinig van te merken in het straatbeeld van Salou. Maar dat berust volgens volgens ingewijden op een misverstand: controle vind plaats door de inzet van under-cover agenten.

ETA-experts betwijfelen overigens of de omgeving van Tarragona de komende weken nog last zal hebben van aanslagen. Volgens de aanwijzingen is er sprake van een kleine, uit drie personen bestaande commando-eenheid van mogelijk Franse afkomst. Na eerst de zuidelijke toeristengebieden van Andalucië te hebben afgewerkt zou het drietal naar het oosten zijn getrokken. De klokmechanismes op de bompakketten doen de politie vermoeden dat de bommenplaatsers inmiddels ruim de tijd hebben gehad zich uit de voeten te maken om over de grens een goed heenkomen te zoeken. De bomaanslag die vanochtend plaatsvond in de Baskische stad San Sebastían kan beschouwd worden als het meer reguliere ETA-geweld. Mogelijk betreft het hier een reactie op nieuw overeengekomen veiligheidsmaatregelen in Baskenland in de vorm van straat-controle door televisiecamera's.

Bij Delfín Park, waar gisteravond het muziekcombo Buena Suerta de gasten als gebruikelijk een muzikale avond bezorgde, heeft bompubliciteit nog geen afboeking opgeleverd, verklaart de hotel-directrice. Extra veiligheidsmaatregelen zijn genomen in de vorm van avondpatrouilles door de particuliere bewakingsdienst. Veel meer zit er voor de hotels niet op. Vonk: “Dat is hier toch de grote ongerustheid. Het gemene van die bommen is dat je ze makkelijk ergens kunt verstoppen. Als ze echt toe willen slaan, lukt het natuurlijk toch.”

    • Steven Adolf