Snelle hulp bij ongeluk van vitaal belang

ROTTERDAM, 23 JULI. “Hun toestand is zeer zorgwekkend, we zijn geïmponeerd door de ernst van het longletsel. De behandeling bestaat nu uit beademen, toedienen van zuurstof. De patiënten worden daarbij kunstmatig in slaap gehouden. Dat kan weken doorgaan, maar onderweg moeten zich geen complicaties aandienen”, zegt chirurg H. Boxma in het brandwondencentrum van het Zuiderziekenhuis in Rotterdam.

Boxma werd vorige week maandagavond om half acht ingelicht over de ramp met het Hercules-vliegtuig op het vliegveld van Eindhoven. Vier levensgevaarlijk gewonden werden nog diezelfde avond naar het Rotterdamse brandwondencentrum overgebracht. Twee van hen overleden afgelopen zondag. “Om aan te geven hoe kritiek de situatie bij dit soort trauma's is: van de man die zondagavond overleed, had ik zo'n snelle verslechtering niet verwacht. Dat begon 's ochtends plotseling, we hebben er met man en macht aan gewerkt om de situatie weer stabiel te krijgen, maar vergeefs”, aldus Boxma.

Op grond van informatie uit de andere brandwondencentra leidt hij af dat de vier in 'zijn' centrum er het ernstigst aan toe waren. “De mensen die in Beverwijk liggen hebben minder zware beschadigingen”. Het letsel omvat zeer ernstige uitwendige brandwonden, zwaar gekneusde longen door de klap, maar vooral inwendige verbranding van de luchtweg en de longen. “Zo ernstig heb ik het nog niet eerder gezien. Een ongewoon zwaar inhalatieletsel. Eigenlijk ben ik uiterst verbaasd dat deze mensen er levend uit zijn gekomen”, zegt Boxma in een van de chirurgenkamers van het ziekenhuis. Hij wil niet oordelen over de organisatie van de hulpverlening, de aanpak door de brandweer. “Ik weet niet wat zich in die eerste minuten heeft afgepeeld.” Wel staat volgens hem buiten kijf dat er een relatie is de ernstige longschade en de tijd dat de slachtoffers in het met hete rook en giftige dampen gevulde ruim van het toestel moesten wachten: “Hoe eerder er uit hoe beter, daar hoef je niet voor gestudeerd te hebben”.

“Altijd geldt bij dit soort rampen dat de mensen er zo snel mogelijk uit gehaald moeten worden. Er is een direct verband. Hoe langer het duurt, hoe groter de schade”, aldus Boxma. Hij acht het ook heel aannemelijk dat in het, geheime, rampbestrijdingsplan voor Eindhoven (Welschap) precies staat beschreven hoe te handelen wanneer een vliegtuig in brand vliegt en bij welke normen (giftigheid, hitte) de brandweer naar binnen gaat: “Ook al wist men dan een tijdlang niet dat er zoveel mensen aan boord waren, dat er vier bemanningsleden in zaten was toch wel bekend? En de brandweer op een vliegveld heeft toch asbestpakken, te gebruiken bij dit soort zware branden? In het plan zal toch zijn aangegeven dat men zo snel mogelijk in het wrak moet zien te komen om de mensen te redden?”

Boxma geeft met een realistisch voorbeeld aan hoe de tijdsduur van een reddingsoperatie in het nadeel van de slachtoffers werkt: “Bij deze ramp hebben we te maken met roetdeeltjes in de longen. Heel in het begin heeft het inademen nog niets te betekenen. Naarmate dat doorgaat zorgen die gloeiend hete roetdeeltjes er voor dat de zeer kleine, maar heel belangrijke delen diep in de longen verbranden. Dat is bijzonder gevaarlijk”.

De zeven gewonden in Rotterdam, Groningen en Beverwijk krijgen voorlopig “honderd procent zuivere” zuurstof toegediend. Dat kan niet eindeloos doorgaan, zo'n behandeling geeft op zichzelf ook weer beschadigingen. “Intussen moeten we drie vitale functies bewaken en zien te verbeteren: de longen, het hart en de nieren. Tegelijk werkt alles tegen elkaar in. Voor de uitwendige brandwonden, die we nu nog niet behandelen, alleen afdekken met zalf, heeft de patiënt veel vocht nodig. Maar het inwendig longletsel verdraagt dit niet. Een bijzonder ingewikkelde afweging dus. Het hart heeft het bij dit alles ook heel zwaar: voor het pompen is veel zuurstof nodig en die is er niet.” En, zoals Boxma zegt, meermalen per dag moeten doses medicijnen en behandelapparatuur worden bijgesteld om de vitale functies op gang te houden. Over de afloop doet de chirurg geen enkele voorspelling. Ook niet tegen de families die dagelijks aan het bed zitten en tegen de slapende mannen praten.