Optimisme Duitse economie neemt toe

BONN, 23 JULI. De economische groei in het tweede kwartaal in Duitsland heeft de achteruitgang in de eerste drie maanden “meer dan gecompenseerd”. Het algemene beeld bleef echter somber, al waren hier en daar “steeds meer” positieve tekenen te ontdekken. Dat schrijft het Duitse ministerie van Economische Zaken in het jongste maandrapport dat het departement gisteren naar buiten bracht.

Het herstel van de Duitse eocnomie komt vooral voort uit de bescheiden loonstijgingen die bij de jongste cao-onderhandelingen zijn afgesloten en uit de belastingverlagingen die de regering dit jaar doorvoerde, aldus het departement. Verder hadden het stabiele prijsniveau en de lage rentestand een positeve invloed op de economische ontwikkeling in de maanden april, mei en juni.

Ook zijn inmiddels de gevolgen merkbaar geworden van de gestage koersdaling van de mark, die Duitse goederen in het buitenland goedkoper heeft gemaakt. Vanwege de dure D-mark heeft een aantal grote Duitse bedrijven besloten hun produktie gedeeltelijk naar het goedkopere buitenland over te hevelen. Tevens begonnen in het voorbije kwartaal de bedrijfssectoren die grotendeels afhankelijk zijn van het weer, met het wegwerken hun productie-achterstand opgelopen tijdens de lange winter.

Het ministerie rekent erop dat de kracht van de opleving voorlopig nog te zwak is om de vraag naar arbeidskrachten te stimuleren. De werkloosheid, die eind juni bijna 3,8 miljoen Duitsers trof, heeft hoofdzakelijk andere oorzaken. De realisering van het uitgebreide pakket maatregelen gericht op meer economische groei en meer werkgelegenheid van de regering is dan ook van groot belang, zo onderstreepte Bonn nog eens.

Cijfers over de groei werden in dit maandrapport nog niet vermeld. Onafhankelijke economen rekenen op een herstel van 0,5 tot 1,0 procent in vergelijking met het eerste kwartaal. In die periode noteerde het ministerie een krimp van 0,5 procent ten opzichte van het laatste kwartaal vorig jaar. Dat was het magerste resultaat in drie jaar tijd. (DPA/Reuter)