KEES KONING 1931-1996; Aimabele anarchist

EINDHOVEN, 23 JULI. De gisteravond in Eindhoven overleden Kees Koning kwam voor het eerst in het nieuws toen hij op nieuwjaarsdag 1989 op de vliegbasis Woensdrecht met mokers en bijlen twee NF-5 straaljagers van de Luchtmacht ernstig beschadigde. Met een handvol getrouwen demonstreerde “de man met de baard en de bijl” tegen de levering van de militaire toestellen aan Turkije. De straaljagers zouden, meende hij, worden ingezet tegen de Koerden.

Koning, in 1931 geboren in de Beemster in een streng katholiek gezin, lid van de congregatie van de Oblaten van St. Franciscus van Sales en in 1959 tot priester van het bisdom Den Bosch gewijd, was lid van de North Atlantic DE-fense Movement, die ook opereert onder de naam Ploegscharenbeweging.

Als aalmoezenier van het leger in de jaren zestig viel zijn non-conformistisch gedrag al op. Een soldaat in het Duitse Seedorf, waar Koning gelegerd was, herinnerde zich dat hij alle distinctieven van zijn uniform had gescheurd. Tijdens zijn diensttijd, zei Koning achteraf, ontdekte hij “het gevaar van het militarisme”. Toen zijn diensplicht was vervuld werkte hij als verpleger in ziekenhuizen en deed hij vijf jaar onwikkelingswerk in India. Na terugkeer in Nederland werd hij nachtportier in een hotel voor onbehuisden.

Hoewel hij opvallend van zich liet spreken, werd hij door insiders omschreven als “aimabele christen-anarchist”. Koning hield ervan, aldus een vriend, te provoceren om aldus mensen de ogen openen.

De actie op de basis Woensdrecht voerde hij uit in alle openheid. Ook bij latere acties, onder meer het neerhalen van zendmasten van “de atoombasis Volkel” en pogingen om militaire toestellen te beschadigen, ging Koning steeds openlijk te werk. Hij verzette zich nooit bij aanhouding. Nooit raakte hij in paniek. Hij en zijn medestanders verschaften zich toegang door de hekken open te knippen. Voor de vernielingen op Woensdrecht werd hij tot een acht maanden veroordeeld. Die straf zat hij uit in Scheveningen, waar de directeur hem “een voorbeeldige gedetineerde” noemde. In andere gevallen kreeg hij voorwaardelijke gevangenisstraffen.

Opzien baarde Koning ook toen hij met medestanders voor het begin van de Golfoorlog naar Irak en Koeweit afreisde, waar hem, naar hij later zei, geen strobreed in de weg werd gelegd. Ook maakte hij gedurende de oorlog in voormalige Joegoslavië een tocht naar Sarajevo.

In Eindhoven behoorde hij tot de Emmausstichting, die opkomt voor de allerarmsten in de samenleving. De stichting verdient geld door het hergebruik van oude spullen, “welvaartsresten” zoals Koning ze noemde. Zelf was hij een veganist. Hij woonde in Eindhoven in een zeer armoedig onderkomen en sliep op de grond.