Begroting van India moet armen helpen

NEW DELHI, 23 JULI. De nieuwe centrum-linkse Indiase regering van premier H.D. Deve Gowda heeft gisteren haar eerste begroting ingediend. Hoewel ze de economische hervormingen van de afgelopen vijf jaar niet terugdraait, bevat de begroting weinig nieuws.

Van een versnelling van de hervormingen, die door veel economen noodzakelijk werd geacht, is in het geheel geen sprake. De financiële markten toonden zich gisteren niet bijster enthousiast over het begrotingscompromis dat minister van financiën Palaniappan Chidambaram in het parlement onthulde. De zogeheten Sensex-index van de belangrijkste aandelen op de beurs van Bombay daalde met meer dan één procent tot 3651,55, waardoor de malaise in de koersen van de laatste maanden slechts werd bevestigd.

Chidambaram, van wie bekend is dat hij zelf de Indiase economie het liefste op volle kracht zou willen liberaliseren, paaide de zakenwereld met een geringe verlaging van de belasting op de winsten van bedrijven. Hij liet deze bedrijfsvriendelijke maatregel echter gepaard gaan met een nieuwe aanslag voor ondernemingen die hun winsten opnieuw wilden investeren. Tot dusverre waren die geen belasting verschuldigd over hun winsten.

Om de linkse partijen in het kabinet, in het bijzonder de communisten, tevreden te stellen, bevatte de begroting verder enkele maatregelen voor India's tientallen miljoenen armen en straatarmen. Zo zal de regering via een boerenleenbank voor de armsten nieuw kapitaal verschaffen. Bijna driekwart van de Indiase bevolking leeft nog van de agrarische sector, onder wie het leeuwendeel van de armen.

Dank zij het heterogene karakter van het kabinet, dat bestaat uit verschillende regionale groeperingen en linkse tot zeer linkse partijen, viel er voor Chidambaram weinig eer te behalen aan deze eerste begroting. Premier Gowda was vastbesloten de armen te ontzien. “We hebben maatregelen genomen voor die lagen van de samenleving die al jaren verwaarloosd zijn”, verklaarde hij gisteren tevreden. Ook Chidambaram sprak van een “begroting van de armen”.

Veel waarnemers vrezen echter dat het werkstuk van Chidambaram de vaart uit de economische ontwikkeling zal halen. Recente cijfers tonen aan dat in het verstreken begrotingsjaar de Indiase economie met liefst zeven procent groeide. Dat is het hoogste percentage in vele jaren en hiermee zit India de befaamde tijger-staten uit het Verre Oosten dicht op de hielen. Vooral de groei in de industrie - 12 procent - was indrukwekkend. De landbouw, jarenlang de locomotief van de Indiase economie, presteerde in 1995-96 relatief echter minder met een groei van slechts 2,4 procent.

Van verschillende kanten is er echter op gewezen dat de fraaie groeicijfers enigszins geflatteerd zijn. Het begrotingstekort is immers met zes procent van het BNP nog steeds onrustbarend hoog. Het vormt een directe bedreiging voor de economie, want de reële rente blijft hierdoor zeer hoog, circa 12 procent (de inflatie schommelt thans rond de 4 procent).

Eerder deze maand zag Gowda's kabinet zich al genoopt een hoogst impopulaire verhoging van de brandstofprijzen aan te kondigen. De overheid, die de meeste olie- en gasprodukten subsidieert, zag haar buitenlandse energierekening door een sterke daling van de Indiase rupee ten opzichte van de Amerikaanse dollar steeds verder stijgen. Met tegenzin besloot ze daarop de prijsstijgingen ook bij de Indiase consumenten in rekening te brengen.

    • Floris van Straaten