Zeker 300 Tutsi's gedood bij aanval op kamp Burundi

BUJUMBURA, 22 JULI. De Burundische president, Sylvestre Ntibantunganya, heeft gisteren in felle bewoordingen de slachtpartij veroordeeld die zaterdag in een kamp voor ontheemde Burundische Tutsi's in Bugendana in Midden-Burundi werd gehouden. Bij de moordpartij kwamen ten minste 304 Tutsi's, vooral vrouwen en kinderen, om het leven.

Het is nog onduidelijk wie verantwoordelijk is voor het bloedbad. Volgens een woordvoerder van het geheel uit Tutsi's bestaande leger zijn de moorden het werk van rebellen van de Hutu-guerrillabeweging Krachten voor de Verdediging van de Democratie (FDD). De actie zou een vergelding zijn voor een moordpartij vorige maand in de omgeving van het kamp. Het Burundische leger vermoordde toen zeker tweehonderd Hutu's.

Het FDD heeft de beschuldigingen van het leger inmiddels tegengesproken en het leger verantwoordelijk gesteld voor de slachting. Volgens ooggetuigen vielen zaterdagochtend tussen vier en vijf uur meer dan duizend Hutu's, gewapend met geweren, machetes, speren en stokken, het kamp aan. “De rebellen begonnen met het vermoorden van kinderen en toen vroegen ze de vrouwen om geld”, aldus een man die de slachtpartij overleefde. “Toen ze dat hadden gehad vertelden de aanvallers de vrouwen dat het nu hun beurt was om te sterven.” Volgens de plaatselijke militaire commandant “dansten en zongen” de rebellen toen ze de kinderen doodhakten.

Niet bekend

Waarnemers in Bujumbura gaan er van uit dat de slachtpartij tot doel heeft de vijandelijkheden in het land te laten escaleren en zo de komst van de vredesmacht onmogelijk te maken. Bij een slachtpartij op een theefabriek bij Bujumbura op 3 juli - volgens het leger eveneens het werk van Hutu-extremisten - kwamen ten minste tachtig werknemers en hun familieleden om het leven. Sinds de vijandelijkheden in Burundi in 1993 begonnen hebben zeker 150.000 mensen het leven verloren. (AP, AFP, Reuter)