THE ECONOMIST

Multinationale ondernemingen hebben hun oude duistere imago afgeschud. Volgens The Economist worden ze tegenwoordig over het algemeen beschouwd als een belangrijke kracht in de modernisering van economieën. Ontwikkelingslanden strijden om hun investeringen in nieuwe fabrieken.

Maar tegelijkertijd zijn deze grote ondernemingen kwestbaarder geworden doordat - intern en extern - ook vaker beoordeeld op de ethische normen die ze zelf de afgelopen decennia hebben ontwikkeld. Dat heeft sinds de omstreden activiteiten van ITT in Chili in de jaren zeventig een groeiend aantal controverses opgeleverd over milieuvervuiling, onderdrukking van minderheden, uitbuiting van kinderen en zakendoen met kwalijke regimes. Het afblazen van investeringen door de bierbrouwers Carlsberg en Heineken in Birma vormt hiervan de jongste illustratie. Ter verdediging voeren multinationale ondernemingen wel aan dat hun vertrek de weg vrij maakt voor minder scrupuleuze bedrijven, maar het Britse weekblad vindt dat geen overtuigend verweer. Over het algemeen kunnen ze meer druk uitoefenen dan ze doen. Dat is nog geen garantie voor succes, maar het moet ze worden aangerekend wanneer ze het niet eens proberen.