Poloploeg na verlies terug op tweede plan

ATLANTA, 22 JULI. De nationale waterpoloploeg moet zijn doelstelling bij het olympisch toernooi al na twee wedstrijden bijstellen. Het zevental van bondscoach Hans van Zeeland mikt bij de Spelen op een plaats bij de laatste acht, maar na twee nederlagen in evenzoveel wedstrijden lijkt dat te hoog gegrepen.

Zaterdag begon Nederland het olympisch toernooi met verlies tegen Joegoslavië: 11-8 (3-2, 3-2, 3-2 en 2-2). Gisteren volgde opnieuw een nederlaag. Spanje, onder aanvoering van de 35-jarige aanvoerder Manuel Estiarte, was met 8-7 (2-1, 2-0, 2-3 en 2-3) te sterk. Vooral het verlies tegen de Spanjaarden was onnodig. “Als wij ooit van Spanje hadden kunnen winnen, was het vandaag in Atlanta”, zei aanvaller Wyco de Vries.

De 28-jarige sportdocent overdreef niet. Het nationale team kreeg volop scoringskansen, maar faalde in de afwerking. De ploeg kende voor ruim drieduizend toeschouwers een zwak begin. Halverwege de derde periode keek het Nederlandse team al tegen een achterstand van vier doelpunten aan: 6-2.

“Maar ook daarvoor waren we in het water gelijkwaardig”, meende middenvoor Wyco de Vries. “We misten alleen de kansen.” Vooral in het tweede kwart van zeven minuten sprong het nationale team zeer nonchalant om met de mogelijkheden. De ploeg kreeg in die fase drie keer een man meer, maar uitgerekend Spanje profiteerde daarvan door twee keer te scoren. In de laatste twee periodes speelde Nederland sterk, maar de achterstand was al te hoog opgelopen om een nederlaag te voorkomen.

In het duel van zaterdag tegen Joegoslavië was de nationale ploeg kansloos. Alleen Harry van der Meer kon zich meten met de individueel en fysiek sterke Joegoslaven. Hij scoorde vier keer, een record in zijn interlandcarrière.

Door de twee opeenvolgende nederlagen moet Nederland van de resterende drie groepswedstrijden (tegen achtereenvolgens Hongarije, Rusland en Duitsland) minimaal twee duels winnen om een plaats bij de laatste acht te bereiken.

(ANP)