H.W. Bunbury: spotten met potlood en pen

Henry William Bunbury; De Rafaël der Caricatuurteekenaars. Tot 18 aug. Rijksmuseum Twenthe, Lasondersingel 129-131, Enschede. Di t/m zo 11-17u.

De spotprenten van Henry William Bunbury (1750-1811) ontlokken alleen een glimlach. Daar waren ze ook voor bedoeld. Schateren met de tanden bloot was hoogst onbehoorlijk voor Engelse edelen in de 18de eeuw. Een lach behoorde te worden onderdrukt.

In het Rijksmuseum Twenthe in Enschede hangen de karikaturen van Bunbury in een nieuwe expositieruimte bij elkaar. Dit is de eerste keer dat er een tentoonstelling aan zijn werk wordt gewijd. Aan andere karikaturisten uit zijn tijd, als Thomas Rowlandson en James Gillray, werd eerder aandacht besteed, maar aan Bunbury nog nooit.

Bunbury bespotte vooral dagelijkse situaties. Politieke onderwerpen waren niet zijn 'cup of tea'. Politieke spot kon hij zich waarschijnlijk ook niet permitteren, als zoon van een edelman. Kritische spotprenten over de krankzinnige koning George III of het verlies van de Amerikaanse koloniën, hadden zijn maatschappelijke positie in gevaar kunnen brengen.

Bunbury was een amateurkarikaturist, maar dat betekent niet dat hij slecht tekende. Hij wist in een paar lijnen de belangrijkste karaktertrekken van zijn personages te typeren. De schuldeiser op de prent Ziehier een kleine rekening mijnheer is bijvoorbeeld niet zo bedeesd als hij zich voordoet. Dat is te zien aan zijn ogen, die recht in het geschrokken gezicht van de schuldenaar priemen. De schuldenaar is een decadente edelman, die leeft zonder respect voor conventies. Het is een vetzak met slordig krullend haar en hij is midden op de dag nog niet helemaal aangekleed. Terwijl hij de schuldeiser te woord staat, probeert hij zijn vestje snel dicht te knopen, wat niet goed lukt door de omvang van zijn buik.

De prenten van Bunbury waren in zijn tijd bekend en geliefd. Hij produceerde minstens zo veel prenten als professionele karikaturisten. Hij mocht er alleen geen geld mee verdienen. In de 18de eeuw bestonden er in Engeland handelaren, die gespecialiseerd waren in spotprenten. Zij verkochten de prenten los, of samengebonden in een boek. Een voorbeeld is Bunbury's Handboek voor volleerde ruiters, een bundel met afbeeldingen van ruiters die in een lastig parket terecht zijn gekomen. Wat te doen bijvoorbeeld als het vriest en het paard voortdurend uitglijdt? Het boekje toont een gravure van een paard dat hulpeloos op zijn achterwerk zit rond te koekeloeren. Op zijn rug zit een man, die de teugels angstig aantrekt en met zijn ene been om de hals van het dier probeert te voorkomen dat hij er af valt.

De langwerpige prenten van Bunbury waren het meest in trek. Dat was een speciale uitvinding van hem. Hij plakte verschillende vellen aan elkaar, en maakte er een tekening op. Op de tentoonstelling hangen twee van die lange prenten. Een is getiteld Hoe een leugen zich voortplant. Er staan 18 mannen op, die allemaal zojuist een roddel hebben gehoord. Zij reageren daarop ieder op hun eigen manier. Een dik vadsig mannetje trappelt van opwinding bij het horen van de leugen. Hij heeft zijn blik theatraal ten hemel gericht en roept “Oh Lord!” Een ander in een roze pakje slaakt een diepe zucht, terwijl hij zijn handen laat zien en zijn schouders optrekt. “There now”, zegt hij, De tekst is boven het hoofd van de mannetjes gegraveerd, zoals tekstballonnen in een stripverhaal. Bunbury's lange prenten zijn voorlopers van de strip.

De spotprenten over de Fransen zijn een ander hoogtepunt van de expositie. De Fransen waren volgens de 18de eeuwse Engelse adel arm, dom en bijgelovig. Op Bunbury's prenten zijn de Fransen brave katholieken met kruisjes om hun nek. Aan hun voeten hebben zij enorme laarzen of klompen, om zich staande te houden op de slechte Franse wegen, van zand en modder met grote kuilen. Een prent toont een jonge Engelsman die met zijn beschermheer en knecht aankomt in een Franse herberg. De herbergier toont hem uitnodigend het menu dat bestaat uit magere soep met kikkers. De man naast hem is net uit z'n enorme laarzen aan het klimmen. Op de achtergrond probeert de kok met een mes een kat te vangen, die hij waarschijnlijk van plan is aan het diner toe te voegen. Het is duidelijk: Bunbury heeft de Franse keuken niet hoog zitten.

    • Simone van der Burg