Geheime stukken van CSU op braderie

BONN, 22 JULI. Veel heeft de Beierse CSU te danken aan haar in 1988 overleden boegbeeld Franz-Josef Strauss. Aan de man dus die in Bonn onder meer minister van defensie en “superminister” van financiën was, lijsttrekker in 1980 van de CDU/CSU, en voorts in München lange jaren premier en partijvoorzitter.

De man die niet alleen van het conservatief rooms-katholieke Beieren een high-tech-regio met een scherpe milieuwetgeving maakte maar zijn leven lang ook steeds in de buurt was van schandalen en schandaaltjes. Zeg van de Spiegel-affaire in de jaren zestig, die hem tot aftreden als minister van defensie dwong, tot de vele Amigo-avonturen met het Beierse bedrijfsleven, die ook na zijn dood nog jaren tot het vaste patroon van de CSU-politiek behoorden.

Een deel van de nalatenschap van “FJS” is dezer dagen op een heel bijzondere manier bekendgeraakt. Op een soort braderie in het Rijnlandse stadje Sankt Augustin namelijk ontdekte en kocht een bezoekster onlangs een fikse bundel 25 jaar oude CSU-papieren (11 ordners). In die papieren, ooit bijgehouden door de 1971 overleden CSU-penningmeester Wolfgang Pohle, is te lezen hoe Strauss omging met (fiscaal aftrekbare) giften die zijn partij van bedrijven en particulieren kreeg. Zo blijken die ordners onder meer de financiële administratie, compleet met bankrekeningnummers en overgemaakte bedragen, te bevatten van een bouwonderneming (de Bau-Union) die Strauss speciaal had laten oprichten om er een deel van de giften aan de CSU te kunnen “stallen”.

En dat dan zonder dat de belastinginspecteur of het voltallige CSU-bestuur daarvan weet kreeg. Trouwens, dat bouwbedrijf was niet het enige station waarop Strauss voor zichzelf en de CSU geld geparkeerd moet hebben, want uit Pohle's boekhouding en aantekeningen valt ook op te maken dat de partijchef in de late jaren zestig tenminste vijf bijzondere bankrekeningen had waarop bedragen van zeven cijfers voor de komma uit het giftenfonds werden overgemaakt. Dat Strauss zichzelf niet vergat blijkt uit een brief van Pohle uit 1970 aan de toenmalige CSU-advocaat Reinhold Kreile waarin het heet dat het “in het algemeen zeer moeilijk is, als het al mogelijk is” om zulke gelden weer van de persoonlijke rekeningen van de partijvoorzitter terug te krijgen.

De bezoekster van de braderie in Sankt Augustin moet zich bewust zijn geweest van de bijzondere en langdurige spanningsverhouding die altijd tussen Strauss en de in onthullingen gespecialiseerde Spiegel heeft bestaan.

Zij heeft haar vondst dus van de hand gedaan, vermoedelijk met een aardige winst, aan het Hamburgse weekblad, dat vandaag is begonnen met de publikatie van interessante uittreksels. Zo bezorgt FJS zijn CSU-opvolgers ook vandaag nog maagpijn.

    • J.M. Bik