Bezorgdheid in VS over veiligheid eigen vliegvelden

WASHINGTON, 22 JULI. In de nasleep van de vliegramp van vorige week groeit in de Verenigde Staten de bezorgdheid over de ontoereikendheid van de veiligheidsmaatregelen op Amerikaanse vliegvelden. Het onderzoek naar de oorzaak van de ramp, waarbij een Amerikaanse Boeing 747 kort na vertrek uit New York explodeerde, heeft nog altijd geen duidelijkheid opgeleverd. Alle 230 inzittenden kwamen om het leven, meer dan honderd van hen zijn nog niet geborgen.

Een woordvoerder van de FBI zei gisteren voor het eerst onomwonden dat zijn organisatie drie mogelijke toedrachten bestudeert: “Er was een bom aan boord, het vliegtuig is geraakt door een raket of er was een mechanisch, elektronisch of ander defect dat leidde tot de explosie van het toestel”. De 46 lichamen die inmiddels geïdentificeerd zijn vertonen geen sporen van een explosie. Maar daarmee is de eerste hypothese nog niet ontzenuwd.

Militaire deskundigen betwijfelen of een raket het toestel op meer dan vierduizend meter hoogte kon raken. Maar veel ooggetuigen zeggen een opstijgend lichtspoor gezien te hebben voorafgaand aan de explosie. De tweede hypthese blijft daarmee ook een rol spelen, ook al zijn getuigenissen in dit soort gevallen uiterst onbetrouwbaar.

Zolang nog slechts ongeveer tien procent van het wrak is geborgen valt ook over de derde mogelijkheid nog weinig te zeggen. Zaterdag localiseerde men een groot wrakstuk met een hoogte van ongeveer 4,5 meter. Maar nadere inspectie, met behulp van een videocamera gemonteerd op een onderwatervoertuig dat op afstand wordt bestuurd, mislukte gisteren door defecte apparatuur. Onderzoekers hopen dat het wrakstuk de romp van het toestel is, met daarin mogelijk nog een groot aantal slachtoffers. Maar het omvangrijke stuk metaal kan ook een scheepswrak zijn, bijvoorbeeld uit de tijd van de Tweede Wereldoorlog, waarvan er nogal wat in dat gebied op de zeebodem liggen.

De twee zogeheten “zwarte dozen”, de recorder met de vluchtgegevens en die met de gesprekken tussen de bemanning in de cockpit en de verkeersleiding, zijn nog niet terecht. Zelfs de signalen die de dozen uitzenden zijn nog niet opgevangen. Mogelijk liggen ze diep onder zand of onder dikke metalen resten van het vliegtuig.

De Amerikaanse autoriteiten maakten gisteren geen geheim van hun frustratie over de trage voortgang van het onderzoek. Naarmate de brokstukken en de lichamen langer in het zeewater liggen, neemt de kans af dat er nog chemische sporen aangetroffen worden van explosief materiaal. Onderzoekers wijzen er op dat het nog weken of zelfs maanden kan duren voor de oorzaak van de explosie duidelijk is. In 1988 duurde het een week voor was vastgesteld dat de ramp met PanAm-vlucht 103 boven het Schotse plaatsje Lockerbie was veroorzaakt door een bom.

De FBI heeft het luchthavenpersoneel en alle betrokkenen van de maatschappij TWA ondervraagd die met de bewuste vlucht TWA 800 van New York naar Parijs te maken hadden. Er zijn geen arrestaties verricht. Ook trekt de FBI de achtergrond na van alle inzittenden, om na te gaan of zich mogelijk een terrorist met een bom aan boord bevond. De marine brengt de zeebodem in kaart om de berging van wrakstukken, en mogelijk ook stoffelijke overschotten, met behulp van duikers te vergemakkelijken.

Door de ramp hebben de media opeens de aandacht gevestigd op het feit dat slechts een paar Amerikaanse vliegvelden beschikken over de modernste scan-apparatuur - omdat die te duur en te traag zou zijn, en bovendien niet verplicht is gesteld door de regering. Dagelijks nemen 1,5 miljoen mensen op een Amerikaanse luchthaven een vliegtuig, en vrijwel allemaal moeten ze door een metaaldetector. In de meeste gevallen echter gaat het om detectoren die dateren van enkele decennia geleden, toen het grootste gevaar kwam van kapers die pistolen, geweren en handgranaten aan boord wilden smokkkelen. De kneedbommen van tegenwoordig komen daarmee niet aan het licht. Ook met de röntgen-apparatuur waarmee de handbagage wordt doorgelicht kunnen dergelijke explosieven over het hoofd worden gezien. De Amerikaanse luchtvaartdienst FAA heeft weliswaar miljoenen besteed aan de ontwikkeling van geavanceerde apparatuur voor het doorlichten van bagage - handbagage, maar ook de grotere koffers die in het ruim van het vliegtuig vervoerd worden - maar in de VS zijn die machines nauwelijks in gebruik. De veiligheid op vliegvelden is in de Verenigde Staten niet een exclusieve verantwoordelijkheid van de overheid, zoals in de meeste landen, maar een gedeelde verantwoordelijkheid van overheid en de luchtvaartmaatschappijen. Steeds luider klinkt de kritiek dat daardoor een algemene laksheid heeft kunnen ontstaan.

“Je kan elke bom meenemen die je wil. Je geeft je bagage aan een kruier en geloof me, je bagage komt er door”, zei het voormalig hoofd van de veiligheidsdienst van de Israelische luchtvaartmaatschappij El Al op de televisie. Ook in andere opzichten laat de controle te wensen over. Een journalist van The Washington Post wist een dag na de ramp zonder ticket door te dringen tot in het deel van JFK International Airport dat alleen voor passagiers bestemd is en waar de vluchten vertrekken. De correspondent van deze krant ondervond enkele maanden geleden dat dat ook op de internationale luchthaven van Washington zonder moeite mogelijk is. Andere mogelijke mazen in het net van de beveiliging zijn de controle van de post (vlucht TWA 800 had ruim duizend kilo post aan boord) en commerciële vracht in het laadruim.

Het weekblad Newsweek concludeert in haar editie van vandaag dat een terrorist die een bom aan boord van een vliegtuig wil brengen “een redelijke kans van slagen” heeft door een gebrekkige beveiliging op de Amerikaanse luchthavens. Het blad bericht dat undercover agenten van de inspecteur-generaal van de luchtvaart herhaaldelijk zijn doorgedrongen in vermeend beveiligde delen van vliegvelden. In één geval zou een agent met een gede-activeerde handgranaat zelfs door een metaaldetector zijn gekomen. De inspecteur-generaal, Mary Schiavo, zou op grond van dergelijke bevindingen in 1993 hebben gerapporteerd dat de beveiliging onvoldoende was. In 1995 zou ze hebben geconcludeerd dat de situatie nog niet verbeterd was. Haar rapportage is door het ministerie van transport als geheim bestempeld. Twee maanden geleden trad Schiavo, die ook scherpe kritiek had geuit op de luchtvaartmaatschappij ValuJet waarvan dit voorjaar een vliegtuig neerstortte en op de luchtvaartdienst FAA, naar eigen zeggen om persoonlijke redenen af.

    • Juurd Eijsvoogel