Tamil Tijgers zijn nog lang niet afgeschreven; Moreel van strijders is flink opgekrikt

NEW DELHI, 20 JULI. Na een reeks zware nederlagen leken de Tamil Tijgers, die al bijna dertien jaar strijden voor een onafhankelijke staat in het noorden en oosten van Sri Lanka, dit voorjaar aan het einde van hun krachten. Vooral het verlies van het schiereiland Jaffna, dat de kern van hun lang gedroomde Tamil-rijkje had moeten vormen, trof de zelfverzekerde strijders als een mokerslag.

Maar gisteren bewezen de volgelingen van Vellupillai Prabhakaran, de zelden in de openbaarheid tredende opperste Tijger, dat ze nog niet kunnen worden afgeschreven. Hun geslaagde verrassingsaanval op een omvangrijke basis van het Sri-Lankese leger bij Mullaitivu toont aan dat ze nog steeds tot meer in staat zijn dan hun met akelige precisie uitgevoerde terroristische aanslagen alleen, waarmee ze de laatste maanden in de hoofdstad Colombo en de stad Jaffna hun bloedige visitekaartje hadden afgegeven.

Prabhakaran, die volgens sommige berichten ook zelf aan de operatie deelnam, had het doelwit met zorg uitgekozen. De regeringsbasis Mullaitivu, waar zo'n 1.500 man waren gelegerd, was namelijk al volkomen geïsoleerd. Ze kon slechts vanuit de lucht of vanaf de zee worden bevoorraad. Vanuit de omringende jungle, waar veel Tijgers een toevlucht hebben gezocht na het fiasco in Jaffna, viel de basis 's nachts gemakkelijk ongemerkt te naderen.

Zijn opzet slaagde. De militairen werden geheel overrompeld en de Tijgers richtten vooral in het begin een ware slachting aan onder de in paniek geraakte regeringssoldaten. Het dodental staat nog niet vast, maar er zijn waarschijnlijk enkele honderden doden aan regeringszijde gevallen. Daarnaast maakten de Tijgers een forse hoeveelheid wapens buit. Hun belangrijkste winst is echter dat ze hun moreel flink hebben kunnen opkrikken, terwijl het zelfvertrouwen van het leger juist een deuk heeft opgelopen, of het er nu alsnog in slaagt de basis te heroveren of niet.

Een keerpunt in de sinds 1983 woedende burgeroorlog is de actie van de Tijgers echter niet. De slag om Mullaitivu is slechts een zijtoneel van de werkelijke strijd. Die speelt zich op het ogenblik af op het naburige schiereiland Jaffna. Daar doet de regering van president Chandrika Kumaratunga verwoede pogingen de hoofdzakelijk uit Tamils bestaande bevolking voor zich te winnen, terwijl de Tamil Tijgers deze inspanningen uit alle macht pogen te saboteren.

Aanvankelijk leek de regering over goede papieren te beschikken, ook al bestaat het kabinet voornamelijk uit Sinhalezen, die de meerderheid vormen op Sri Lanka. De bevolking van Jaffna was gedurende de heerschappij van de Tijgers door de jaren heen vervreemd van de fanatieke guerrillastrijders, die nooit andere meningen duldden dan die van zichzelf. Daarnaast hadden velen moeite om economisch het hoofd boven water te houden.

De klap op de vuurpijl kwam dit voorjaar toen de Tijgers zo'n 400.000 burgers dwongen met hen te vluchten, toen de druk van de Sri-Lankese strijdkrachten de guerrillastrijders te sterk werd. Niet dat de inwoners het thuis zo rijk hadden in het door oorlog gehavende Jaffna, maar het was nog altijd beter dan in een geïmproviseerd vies vluchtelingenkamp te zitten met duizenden anderen.

De regering lanceerde in juni een ambitieus hulpprogramma voor de wederopbouw van Jaffna en hoopte vooral op fondsen uit het Westen. Veel Westerse landen en hulporganisaties zien de Tijgers inmiddels als de voornaamste boosdoeners in het aanhoudende conflict. Ze namen hen vorig jaar zeer kwalijk dat die na veelbelovende vredesbesprekingen toch weer eenzijdig de wapens opnamen. Niettemin is de respons van de donoren tot dusverre teleurstellend.

Intussen moet de regering ook alle zeilen bijzetten om haar krediet bij de bevolking niet te verspelen. Hoewel de Sri-Lankese autoriteiten, die censuur uitoefenen op de binnenlandse media, hieraan geen ruchtbaarheid geven, voeren ondergedoken leden van de Tamil Tijgers voortdurend kleinschalige aanslagen uit tegen militaire doelen en tegen burgers die ze ervan verdenken met de militairen te heulen.

De militairen, die zich tot dusverre volgens de meeste berichten zeer gedisciplineerd hebben gedragen, hebben hierdoor de neiging terug te slaan en daarvan worden onwillekeurig de burgers vaak de dupe. In een recent incident pakte het leger een jongen op, die werd verdacht van banden met de Tijgers. Na 'ondervraging' bleek de jongen te zijn overleden. Het geval werd extra pijnlijk toen aan het licht kwam dat het om een persoonsverwisseling ging. De jongen met de echte Tijger-contacten had in een buurhuis gewoond. Zulke incidenten spelen de Tijgers zeer in de kaart.

Opnieuw voelen de burgers zich verlaten en onveilig en durven tegen niemand meer iets te zeggen. Zoals een inwoner van Jaffna het onlangs tegen een bezoekende journalist formuleerde: “Wij doen alleen nog onze mond open om onze tanden te poetsen en te eten.”

    • Floris van Straaten