Magneetzweeftrein

Nieuwe techniek prikkelt de fantasie, vooral wanneer deze nog geengemeengoed is. Zo voorziet Geert Mak (in Ergens Anders, 11 juli) dat de magneetzweeftrein vermag wat zelfs de liberale zwaargewichten Wiegel en Vonhoff niet lukte: de economische bloei van het noorden des lands. Mijn stelregel is: op columns moet je niet reageren. Maar Mak geeft wel een heel erg verguld beeld van de mogelijkheden van de magneetbaan, en het kan geen kwaad iets van die glans weg te krassen.

Stil, snel, zuinig met energie en weinig storend voor het landschap, aldus beschrijft Mak de kwaliteiten van dit technische wonder. Hij verzuimt erbij te vertellen dat die mooie eigenschappen alleen gelden wanneer de magneetzweefbaan niet te snel gaat, tot zo'n 160 km per uur. Bij 300 km per uur, de snelheid waarmee Mak de bloei van het noorden voorziet, overtreft alleen een vliegtuig het lawaai van de zweeftrein. Boven de 300 km per uur slaat ook het energievoordeel ten opzichte van de hogesnelheidstrein om in een nadeel. En de inpassing in het landschap: de zweeftrein komt op een hoogte boven het maaiveld die voor de bewoners van Gorinchem de aanleiding was om fel tegen de aanleg van de Betuwelijn te protesteren. Naast de betonnen bak op palen moet een weg worden aangelegd voor onderhoud en noodsituaties. Niemand weet nog hoe de in aanbouw zijnde Transrapid de stadscentra van Hamburg en Berlijn moet worden binnengevoerd.

Maks kritiek op het Franse propagandaverhaal van de Thalys was prachtig, maar om dan vervolgens achter het propagandamateriaal uit Duitsland aan te lopen...