Joods kapitaal

Uit het artikel 'Schatgraven naar joods vluchtkapitaal' (10 juli), blijkt weer eens te meer dat 50 jaar na de Holocaust er nog altijd mensen en instellingen zijn die zich willens en wetens ophouden met 'winsten', verkregen uit de massamoord op de joden in de Tweede Wereldoorlog. Het is echter niet zo dat dit alleen in het 'buitenland' gebeurde (en gebeurt).

Ook in Nederland is kapitaal, dat aan banken was toevertrouwd, verdwenen. Getuige het volgende verhaal over de Incassobank, nu ABN Amro.

Van moeders zijde stam ik uit een joods geslacht dat sinds de 15de eeuw in Amsterdam woonde en leefde. In de vroege zomer van 1945 meldde mijn moeder zich barrevoets (ze had geen geld voor schoenen) bij de Incassobank in Amsterdam. Ze was beroofd van haar echtgenoot en familie en al haar bezittingen. Als erfgename van haar echtgenoot en schoonfamilie wilde zij toegang tot de privékluis van haar schoonvader. Zoals haar bekend is, moet er zich ongeveer 400.000 gulden aan effecten Nederlandse Staatsschuld, sieraden en tafelzilver in bevinden. Door de toenmalige directeur werd haar verteld dat de kluizen van joden op 'hoog bevel' waren geopend en geleegd door de bezetter. Even berooid als ze gekomen was, kon ze gaan.

Nu, 50 jaar later, rest nog altijd de intrigerende vraag. Waarom heeft die bank nooit zijn verantwoordelijkheid genomen voor de gelden en goederen die haar waren toevertrouwd door haar joodse cliënten?

Niet alleen Zwitserse banken zijn in dit soort zaken erg terughoudend. Met name de toenmalige Incassobank, nu ABN Amro, heeft zich ook nooit uitgesloofd de beroofde joden de helpende hand te bieden, integendeel.