Bewaker vreest 'deuren-dicht-beleid'

DEN HAAG 19 juli. De scharnieren van één van de celdeuren van de gevangenis 'De Rode Pannen' vertonen sporen van ontwrichting. Een paar jaar geleden had de toenmalige bewoner van de cel in een driftbui zijn volle gewicht tegen de deur gegooid. De man was met deur en al de gang op gestormd.

Verbouwereerde bewaarders hadden de driehonderdponder met moeite een andere isoleercel gemanoevreerd. Om herhaling te voorkomen werd achter de deur een tweede geplaatst. Dat scheelde meteen in de geluidshinder tijdens nieuwe schreeuwpartijen die in de holle gangen van het meer dan een eeuw oude cellencomplex ver doorklinken.

De Rode Pannen, onderdeel van het gevangeniscomplex Groot Bankenbosch in Veenhuizen, herbergt één van de zwaarste delinquenten-populaties van Nederland. Sinds de oprichting funktioneert het ontsnappings-vrij. Die prestatie is niet te danken aan de talloze elektronische snufjes waar het gevangeniswezen tegenwoordig bij zweert, maar aan een maximum aan strenge voorschriften. Scheermessen en tandenborstels worden als potentiële snij- en steekwapens direkt na gebruik weer ingenomen. Bewaarders die een cel zijn binnen geweest, lopen er achterwaarts weer uit, niet uit eerbetoon jegens de gedetineerde maar om te voorkomen dat hij onverhoeds wordt besprongen. De gevangene in de 'isoleer' die last krijgt van een langdurige driftaanval wordt op 'de fiets' gedeponeerd, een ziekenhuisbed met een overdaad aan riemen om de gedetineerde 'tegen zichzelf te beschermen', zoals dat in het lakonieke bewakers-jargon heet.

De PIWers (Penitentiare Inrichtingswerkers) kunnen er betrekkelijk emotieloos over vertellen. Dat verandert echter als het zogeheten 'deuren-dicht-beleid' ter sprake komt. Het is de benaming van een beleidswijziging, zo'n drie jaar geleden doorgevoerd door de toenmalige staatssecretaris van justitie, Aad Kosto. Aanleiding vormden enkele gewelddadige gijzelingsacties in onder meer Hoogeveen, Rotterdam en Leeuwarden die uitmondden in ontsnappingspogingen. Daarbij vielen geen doden maar vloeide wel bloed van enkele bewaarders. In het geval van Leeuwarden waren ook burgers bij de gijzeling betrokken.

Om dergelijke incidenten tegen te gaan liet Kosto niet alleen nieuwe inrichtingen bouwen zoals in Vught, toegespitst op de detentie van gevangenen die zich hadden gespecialiseerd in uitbraakpogingen. Om gijzelingsacties bij voorbaat te ontmoedigen, introduceerde Kosto een beveiligingssysteem dat hij van Engeland had afgekeken. Bij het begin van een gijzelingsactie blokkeert de dienstdoende bewaker met één druk op de 'rode knop', ergens in het gebouw, de uitgangen. Geen muis kan er dan nog in of uit. Niemand kan de blokkade opheffen, behalve de gevangenisdirecteur die over een speciale sleutel beschikt voor het geval de situatie uit de hand loopt. Wat onder dat laatste moet worden verstaan, staat in een geheim gijzelingshandboek dat speciaal voor dit doel is geschreven. Sommige gevangenissen beschikken over een speciaal 'gijzelingscompartiment' dat de gedetineerde met zijn gijzelaar moet passeren om naar buiten te kunnen, en dat in zo'n geval dus hermetisch van de rest van het gebouw wordt afgesloten. De vrolijke kleuren waarin deze ruimtes soms zijn geschilderd, missen echter hun uitwerking op nogal wat bewakers. Het idee dat ze op een kwade dag de gijzelingsruimte delen met iemand die ze een week eerder misschien nog op 'de fiets' hadden gedeponeerd, stemt hen niet vrolijk. De rollen zijn dan immers omgedraaid. Aan de mogelijkheid dat de gijzelnemer opnieuw een driftbui krijgt omdat hij er niet uit mag, moeten PIWers al helemaal niet denken. Een langgestrafte heeft nu eenmaal weinig te verliezen.

Gewend om te controleren, te beheersen en - zonodig - te overmeesteren, moeten bewaarders zich ineens voorbereiden op het andere uiterste, een training in kwetsbaarheid. Het materiaal van de cursus die meer dan 10.000 gevangenisbewaarders als voorbereiding op het nieuwe systeem moeten doorlopen, rept van 'fysiek meegeven', en van 'mentaal verzet opgeven'. De bewakers moeten poseren als kwetsbare vaders-met-gezinnen om zo een gevoelige snaar te raken bij hun gijzelnemer.

Het vereist een geestelijke en communicatieve lenigheid die niet voor iedereen is weggelegd. “Het deuren-dicht-beleid legt een grote psychologische druk op onze mensen”, zegt D. Duijkers, bestuurder van de ambtenarenbond AbvaKabo waarbij zo'n 2500 leden van gevangenispersoneel zijn aangesloten. Duijkers: “Nogal wat mensen die met een sociaal-agogische achtergrond het gevangeniswezen zijn binnengekomen, hebben gewetensbezwaren. Die vinden dat ze het hun gegijzelde collega niet kunnen aandoen door klinisch op zo'n knop te drukken.”

Daarnaast is er een grotere groep, aldus Duijkers, die vindt dat met de invoering van het nieuwe systeem “de grens is bereikt wat je aan veiligheid kan doen. De bezuinigingen op de gevangenisbudgetten van de laatste jaren, de versobering van het regime, de grotere beperkingen die aan de persoonlijke vrijheid van gedetineerden zijn opgelegd, hebben het klimaat verhard. Knokpartijen, scheldpartijen en vuurtje stoken in de cel komen meer voor. De isoleercellen zijn drukker bezet. Nogal wat mensen zijn bang dat zoiets een keer uit de hand loopt.”

Daar staat tegenover dat diezelfde leden merken dat het strengere beveiligingsbeleid ook de gevangene vrees inboezemt. Wie zich slecht gedraagt, verdwijnt naar 'Vught', de inrichting die voor veel gedetineerden een schrikbeeld vormt. Bovendien gingen de bonden tijdens de vorige kabinetsperiode na de nodige interne discussie toch akkoord met het deuren-dicht-beleid. Ze achtten een gijzeling binnen de muren uiteindelijk beheersbaarder dan één daarbuiten.

Wel bedongen de bonden, naast intensieve voorbereidingscursussen en andere faciliteiten, de mogelijkheid van overplaatsing van personeel met gewetensbezwaren naar een open of half open gevangenisinrichting. Daar wordt het 'deuren-dicht-beleid' niet toegepast. Het ministerie van justitie dat met die overplaatsingsmogelijkheid akkoord ging, wijst erop dat er tot nog toe niemand gebruik van heeft gemaakt. Duijkers verwacht echter dat na invoering van het systeem in alle twintig inrichtingen die verzoeken alsnog zullen komen. Na een nieuwe gijzelingsactie - het zou de eerste zijn sinds januari 1994 - zou daar volgens haar nog wel eens een aantal verzoeken tot overplaatsing bij kunnen komen.

    • Kees Versteegh